Leonardo da Vinci belichaamt het beeld van de leergierige man uit de Renaissance. Hij was één van de grootste schilders uit de geschiedenis van de kust en een uitmuntende, empirische wetenschapper en uitvinder. Zijn leven werd echter overschaduwd door zijn onwettigheid en door geruchten over zijn homoseksualiteit.
Hij was het kind van de nobele Ser Piero de Vinci en een boerenmeisje en hij werd geboren op 15 april 1452 in Vinci, een dorpje bij Firenze. Hij ontsnapte nooit aan het stigma van een bastaardkind te zijn.
Omwille hiervan werd de toegang tot de universiteit hem ontzegd. Leonardo compenseerde dit gebrek aan onderwijs echter door zijn empirische aanpak van natugeaardheidijke fenomenen.
In het midden van zijn tienerjaren werd Leonardo een leerling van Andre del Verrochio, een beeldhouwer en schilder die verbonden was aan de machtige Medici-familie. Dankzij diens lessen floreerde algauw het artistieke talent van Leonardo.
Leonardo’s geaardheid
Eén van de meest traumatiserende gebeurtenissen in het leven van Leonardo gebeurde in 1476 toen hij bij Verrochio woonde. Anoniem werden er beschuldigingen van sodomie tegenover hem en drie anderen ingediend; ze zouden seks hebben gehad met een zeventienjarig model.
Omwille van technische details werden deze beschuldigingen evenwel verworpen. Hoewel hij niet werd veroordeeld, bleven deze beschuldigingen Leonardo levenslang achtervolgen.
Hoewel homoseksualiteit veel voorkwam in Firenze en dat veel belangrijke artiesten homoseksueel waren, zijn de straffen voor sodomie zeer ernstig. Daarnaast kon homoseksualiteit de carrière van een artiest enorm schaden omdat deze vaak afhing van de fondsen die hij kreeg van een patroon of van de Kerk.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat omwille van deze traumatische ervaring Leonardo zijn seksualiteit in het grootste geheim beleefde. Het ging zelfs zover dat hij spiegelschrift gebruikte om zijn gedachten op te schrijven. Daardoor is er zeer weinig geweten over zijn privé-leven.
Toch is er bewijs dat Leonardo´s erotische interesse vooral op mannen gericht was. Zijn leven lang omringde Leonardo zich met mooie jongemannen en zijn tekeningen en notities bewijzen dat hij heel veel bewondering had voor de schoonheid van mannen. Daarbij komt nog dat Leonardo nooit een verhouding of zelfs een hechte vriendschapsband had met een vrouw.
In zijn tekeningen worden vrouwen duidelijk genegeerd. In tegenstelling tot zijn vele studies van mannelijk naakt, met vaak bijzondere aandacht voor de geslachtsdelen, tekende hij maar weinig vrouwen. Als hij dat wel deed, dan tekende hij de vrouwelijke geslachtsdelen helemaal verkeerd.
Leonardo ontwikkelde hechte relaties met zijn (mannelijke) studenten en in zijn notities zijn veel hinten te vinden over zijn liefde voor hen. Er waren zelfs geruchten over de aard van zijn relatie met Gian Giacomo de´ Caprotti, die de roepnaam “Salai” (lam van Satan) kreeg.
Tijdens de laatste tien jaar van zijn leven werd Francesco Melzi, een jonge aristocraat, de belangrijkste gezel van Leonardo. Het was ook hij die uiteindelijk de uitvoerder werd van Leonardo´s nalatenschap.
In 1910 maakte Sigmund Freud een uitgebreide psychoanalytische studie over de geaardheid van Leonardo. Hij gebruikte hiervoor de nota´s van de artiest. Freud legde de oorzaak van Leonardo´s homoseksualiteit bij de relatie met zijn moeder en zijn afwezige vader. Volgens Freud gebruikte Leonardo zijn seksuele drang in zijn werken. Freud was van oordeel dat de vele onafgewerkte projecten van Leonardo een bewijs waren van zijn acute seksuele frustratie.
Het besluit van Freud is gebaseerd op veronderstellingen die al vaak aangevochten zijn en waarvan velen denken dat ze op z´n minst dubieus zijn. Freud baseerde zich ook op de herinnering van Leonardo aan een droom en waarin heel wat fouten zijn ingeslopen door slechte vertalingen. Daardoor moet de studie van Freud met de nodige omzichtigheid gebruikt worden. Toch verdient Freud ook eer, want in plaats van genoegen te nemen met roddels maakte hij een diepe studie over het onderwerp.
De genialiteit van Leonardo
Om aan het schandaal van de sodomie-beschuldigigen te ontsnappen, reisde Leonardo naar Milaan in 1481. Daar ontwierp hij militair materiaal voor de hertog Ludovico Sforza. De gedetailleerde notaboeken, die hij overal mee naartoe nam, staan vol met tekeningen met wapens, projectielen, vlammenwerpers, kannonnen en kruisbogen.
Veel van de uitvindingen van Leonardo zijn onpraktisch, of waren tenminste onpraktisch in die tijd, maar de nauwgezette tekeningen tonen zijn mechanisch genie, ondanks zijn gebrek aan officieel onderwijs. Sommige van zijn tekeningen mondden later uit in uitvindingen zoals de fiets en de helicopter.
Tegen het einde van zijn leven had Leonardo een grote collectie van nota´s (meer dan 5.000 pagina´s) over optica, akoestiek, mechaniek, hydraulica, astronomie, wapenkunde en anatomie. Tijdens zijn leven hield hij ze verborgen uit angst dat zijn ideeën gestolen zouden worden.
Na zijn dood verdwenen veel geschriften van Leonardo, en sommigen zijn nooit meer teruggevonden. Velen geloven dat als ze bekend zouden zijn geweest, ze de loop van de wetenschappelijke ontdekkingen zouden hebben veranderd, want Leonardo´s werk liep voor op dat van Newton, Galileo en Kepler.
De schilderijen van Leonardo
Hoewel Leonardo slechts een klein aantal schilderijen produceerde, maakte zijn revolutionaire techniek en stijl hem tot én van de invloedrijkste artiesten van de Renaissance.
Eén van Leonardo´s eerste opdrachten was het maken van het muurschilderij “Het Laatste Avondmaal” in de eetzaal van Santa Maria Delle Grazie in Milaan. Het schilderij stelt het laatste etentje van Jezus en zijn leerlingen voor en wordt gevierd omwille van de ingenieuze compositie, het perspectiefgebruik en de psychologische inhoud. Anders dan voorgaande artiesten, gebruikte Leonardo schaduwen om het karakter van de verrader Judas te benadrukken.
Jammer genoeg gebruikte Leonardo voor de muurschildering een experimentele fresco-techniek waardoor het al na slechts vijftig jaar bijna vergaan was. Maar ondanks de slechte toestand waarin het zich bevindt, heeft dit werk een grote invloed gehad op de geschiedenis van de kunst.
Leonardo keerde terug naar Firenze in 1500 en in 1501 begon hij aan het altaarstuk “Moeder en kind met Sinte Anne” voor een gemeenschap van monniken. Hij werkte het niet af, maar aanvaarde een job als militair ingenieur voor de meedogenloos ambitieuze Cesare Borgia. Tijdens deze periode kreeg hij een vriendschapsband met de meest gevierde politieke schrijver van die tijd; Niccolo Machiavelli.
Leonardo verafschuwde de gemene tactieken van Borgia en diende al na negen maanden zijn ontslag in. Toch keerde hij niet terug naar “Moeder en kind met Sinte Anne” en het schilderij bleef onafgewerkt.
Daarna maakte hij enkele van zijn bekendste schilderijen. Het is onmogelijk om deze precies te dateren maar men neemt aan dat hij eerst de “Mona Lisa” schilderde, gevolgd door “Leda” en dan zijn laatste schilderij “Johannes de Doper”.
De “Mona Lisa” (of La Gioconda), te zien in het Louvre in Parijs, is het bekendste en het meest dubbelzinnige schilderij van Leonardo. Hoewel het naar verluidt een portret is van de vrouw van de koopman Francesco del Gioconde, hebben sommige wetenschappers verklaard dat het een geïdealiseerde versie van de moeder is van de Leonardo of zelfs een zelfportret van de artiest zelf in travestie.
De identiteit van de afgebeelde vrouw blijft onzeker, maar haar raadselachtige glimlach, alsof ze een binnenpretje heeft, heeft het publiek altijd al gefascineerd. Het schilderij werd nooit volledig afgewerkt of afgeleverd bij de opdrachtgever en Leonardo hield het bij tijdens de laatste jaren van zijn leven.
Hoewel er enkel schetsen overblijven van de “Leda” van Leonardo, blijft het een buitensporig werk in zijn oeuvre. Het is zijn enige vrouwelijk naakt en zijn enige tekening die geïnspireerd is op de klassieke mythologie. “Leda” toont Zeus die, vermomd als zwaan, koningin Leda van Lacedaemon verkracht.
Het resultaat van deze verkrachting waren twee tweelingen die uit eieren kwamen: de goden Castor en Pollux en de stervelingen Helen en Cytemnestra. Deze mythe inspireerde ontelbare artiesten, maar de visie van Leonardo is uniek omdat hij het gruwelijke van de verkrachting benadrukt.
Hij laat de gebeurtenis op een gewelddadige manier zien, in plaats van op een erotische. Omdat hij altijd al gefascineerd werd door de wereld van de natuur, was Leonardo zonder twijfel geïntrigeerd door deze storing in de natugeaardheidijke orde.
In 1507 kwam Leonardo in dienst bij koning François I van Frankrijk, eerst in Milaan en later in Frankrijk zelf. Het merendeel van zijn laatste jaren spendeerde hij aan het hof van deze koning. Hij maakte nog een laatste schilderij in deze periode, het androgyne “Johannes de Doper”. Waarschijnlijk was het model voor dit mooie, maar toch vreemde, schilderij het lam van Satan zelf: Gian Giacomo de´ Caprotti.
Leonardo da Vinci overleed op 2 mei 1519 in Cloux.