Rubriek : Wereldwijd

Klik hier voor een alfabetisch overzicht van alle landen en steden.

Disneyland Resort Paris

DisneylandParis

Het Disney-kasteel in Parijs is het mooiste van allemaal

Disneyland Paris… het park aan het Disney-firmament dat al meer ups en downs heeft gekend dan “Dumbo the Flying Elephant” en meer namen dan zangeres Petra. Toen het plan werd geopperd om een Disneypark te bouwen in Europa, reageerden de Fransen (niet zoals de Japanners die enthousiast “ok” beginnen te roepen bij elk commercieel aspect uit Amerika) eerder lauw. De gedachte om een hypercommercieel Amerikaans themapark te brengen naar een land met zo’n sterke eigen cultuur en chauvinistische burgers paste als een tang op een varken. Waarom zou je in godsnaam een kasteel uit gekauwd papier optrekken als het echte werk net achter het hoekje ligt?

Dus toen EuroDisney in 1992 voor het eerst zijn poorten opende, bleven de Fransen in drommen weg. Jammer. Want met EuroDisney had Disney één van zijn mooiste, meest toegankelijke en logistiek beste parken gecreëerd. De bouwplek waren voormalige bietenvelden nabij het slaperige dorpje Marne la Vallée, op een halfuurtje van Parijs. Deze locatie betekende gemakkelijke toegang vanaf de luchthaven en, dankzij de medewerking van de Franse overheid, een fonkelnieuw treinsysteem, waardoor reizigers voor de prijs van een metroticketje tot aan de parkpoorten werden gebracht. De zeven eigen Disney hotels werden op loopafstand van het park gebouwd, waarbij de minst goedkope het dichtst bij het park liggen. Met de wetenschap dat ze aan het bouwen waren in een land dat beroemd is omwille van zijn gebouwen en tuinen (zoals Versailles), verhoogde Disney de standaard en bouwde een overweldigend park waarbij het “Sleeping Beauty Castle” zonder twijfel het mooiste kasteel is van alle Disney-parken. Dit park had ook de luxe om over veel plaats te beschikken waardoor de open ruimtes veel groter waren, en overal in het park waren er veel meer ornamenten en details dan in de andere parken. Hoewel het park minder attracties had dan in andere (zoals “The Jungle Cruise”, “The Tiki Room” en “The Country Bears”) voelde het aan als zijnde enorm. Bovendien was dit de nieuwste telg van de “The Magic Kingdom”-parken en daardoor hadden de bouwers het voordeel dat ze lessen konden trekken uit de drie andere parken en wisten ze wat werkte en wat niet. En omdat het park een goede tien jaar na zijn voorloper (Tokyo Disneyland) werd gebouwd was de technologie al meteen meer vooruitstrevend.

Lees verder »

Tags : , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,
Geplaatst op 11 november 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Lima

lima-peruDe meeste toeristen in Peru blijven maar twee dagen in Lima voor ze de rest van het land gaan verkennen. Lima heeft een kleine holebi-gemeenschap in vergelijking met het bevolkingsaantal van 9 miljoen inwoners. De meeste holebi’s zitten er dan ook nog diep in de kast. De holebi-scène is er veel kleiner dan in Buenos Aires, Sao Paulo, Rio de Janeiro, Santiago en Bogotá. Hoewel Lima de laatste jaren steeds liberaler is geworden, moet je toch weten dat Peru nog steeds een conservatieve machocultuur heeft. De holebirechtenbeweging in Peru staat nog in de kinderschoenen en er worden pogingen ondernomen om de grondwet te veranderen. Ondertussen worden holebi’s nog steeds negatief behandeld en is het een goed idee om je er rustig te houden.

Het weer

In vergelijking met andere Zuid-Amerikaanse hoofdsteden, heeft Lima stabiel, vochtig weer. Tijdens de zomer (december-maart) schijnt de zon fel, is er een helderblauwe hemel en een gemiddelde temperatuur van 26°C. De rest van het jaar is de lucht er grijs en is het druilerig en is het er 12°C (juni-september). Vanaf oktober wordt het weer warmer en milder. Tijdens de zomer vluchten de inwoners van Lima naar de zuidelijk gelegen stranden. Tijdens de herfst en de winter gaan ze op zoek naar de zon op het platteland van Chosica, Canta en Cieneguilla.

Op stap in Lima

Lima is voor vele reizigers in Peru de eerste bestemming. Tijdens de tijd van de kolonies werd Lima de Stad der Koningen genoemd. De inwoners zijn er vriendelijk en levending, er is heel veel cultuur en het eten is er verrukkelijk. Lima is een metropool van veranderingen, contrasten en het uithangbord van Peru. Het is een stad waarvan je ofwel houdt, of een stad die je haat en je kan er zowat alles doen. Lima slaapt nooit en er is een rijk nachtleven terwijl de natuur nooit veraf is.

Overal rijden er taxi’s. Het is de veiligste (en enige) manier van transport in Lima. Er zitten geen meters in die taxi’s waardoor je best een prijs afspreekt met de chauffeur voor je instapt.

Veiligheid

Sommigen hebben de indruk dat Lima een gevaarlijke stad is. Het is er niet erger dan in een andere grote stad, maar het is er anders. Je moet enkele voorzorgen nemen en er zijn zeker buurten waar je je niet moet wagen.

Diefstal

De meeste diefstallen bij toeristen zijn gelegenheidsdiefstallen. Geef de dieven daarom geen kans. Draag geen horloge of juwelen op straat, draag je portefeuille en waardevolle documenten op je lichaam (of beter, laat ze in de hotelsafe), neem enkel net genoeg geld mee voor onmiddellijke behoeften, neem je creditkaarten niet mee en hou steeds je camera vast. Wees op je goede voor afleidingsmanoeuvres en laat je bagage nooit onbewaakt achter.

Bedrog

Doe nooit zaken met een straatverkoper, ga altijd naar een gerespecteerde zaak. Zorg dat je altijd een ticketje krijgt met daarop de naam van de zaak. Als je een uitstap boekt, zorg dan dat je een blad krijgt waarop duidelijk staat wat is inbegrepen en wat niet.

Geweld

Geweld tegenover vreemden is zeldzaam in Lima. Toch is voorzichtigheid geboden:

  • Pik geen prostituees (mannen noch vrouwen) op.
  • Zorg dat er steeds iemand is die weet waar je bent en als je iemand meeneemt naar je hotel, zorg dan dat hij zijn identiteitskaart afgeeft aan de receptionist.
  • Neem in bars, discotheken of andere zaken geen drank, voedsel of sigaretten aan. Ze kunnen gedrogeerd zijn.
  • Neem geen drugs, de straffen daarvoor zijn ontzettend zwaar.

Verkeer

Het verkeer in Lima is chaotisch en meedogenloos. Als voetganger ben je een gemakkelijk slachtoffer want zelfs met verkeerslichten houden de chauffeurs geen rekening. Hou dus steeds je ogen open.

Bezienswaardigheden

  • Plaza’s: zoals in elke stad in Peru, zijn de plaza’s (pleinen) de belangrijkste centrale punten. De Spanjaarden bouwden in elke stad een groot plein omringd door een kerk en regeringsgebouwen. In Lima is de “Plaza Mayor” het oude hart van Lima. De enige overblijfselen uit de tijd van de Spanjaarden zijn de oude bronzen fontein (uit 1650) en het “Casa del Oidor”.
  • Gouvernementspaleis: dit indrukkwekkende gebouw, waar de president woont, omringt het noordelijke deel van de “Plaza Mayor”. Probeer de wissel van de wacht mee te maken om 11u45.
  • Jirón de la Unión is een lange voetgangersstraat die de “Plaza Mayor” verbindt met de “Plaza San Martín”. Deze straat is gevuld met winkels en restaurants. In de onmiddellijke omgeving vind je ook nachtclubs en hotels.
  • Kerken en religieuze gebouwen. In het centrum van Lima zijn er meer dan 25 kerken die een historische waarde hebben.
  • Musea: Lima heeft meer dan 50 musea die je een goed overzicht geven van de geschiedenis, archeologie, antropologie, natuur, cultuur, technologie, kunst, religie en klederdracht van Peru. Aanraders zijn het “Museo de la Nación”, het “Museo Nacional de Anttopologie, Arqueología e Historia”, het “Museo de Oro”, het “Museo Larco Herrera” en het “Museo Amano”.

De holebi-scene

PERU/De holebi-scene in Lima kent geen kledingsvoorschriften en kijkt ook niet naar leeftijden. Holebi-inwoners van Lima zijn meestal zeer vriendelijk en geïnteresseerd in vreemden en sommigen praten Engels. Het helpt als je een beetje Spaans kent, maar dat is geen vereiste.

Het nachtleven in Lima begint pas na middernacht, net zoals in de meeste steden in Latijns Amerika. In vele bars mag je voor middernacht gratis, of tegen verminderde prijs binnen, maar het stroomt er niet vol voor 1u00 ‘s nachts. Geen enkele bar heeft een darkroom.

Soms zie je een regenboogvlag hangen in Peru. Dit is de vlag van Tihuantinsuyo, de vlag van het Inca-rijk. Elke overeenkomst tussen deze en de holebi-vlag berust louter op toeval.

Aan tafel

Lima is in heel Peru de beste plek om te eten. Naast inheemse gerechten, vind je bijna alles: Chinese restaurants, Japanse, Spaanse, Franse, Arabische, Argentijnse, Amerikaanse, Braziliaanse, enz…

Probeer echter ook eens de inheemse menu’s zoals “Escabeche”, “Jalea de Pescado”, “Ají de gallina” en “Coctail de Camarones”. Heb je zin in een hamburger, haast je dan naar “Bembo’s Burger Grill”.

Natuurlijk moet je ook iets drinken. Proef eens van de “Pisco Sour” of het non-alcoholische “chicha morada” of “Inca Kola”. De “Pisco Sour is gemaakt met druivenbrandewijn, citroensap, wit van ei, suiker, cinamon en stroop. Na vier glazen is iedereen je beste vriend.

Shopping

Lima is de beste keuze om kwaliteitsvol handwerk te kopen en er is geen groot prijsverschil met andere Peruviaanse steden. Je kan er stoffen kopen, wollen kledij, kopieën van koloniale schilderijen, juwelen, keramiek, houtwerk, zilverwerk, sweaters en leerwaren. Kijk rond voor de beste prijs en ding (een beetje) af.

Stranden

De beste periode om Lima te bezoeken is tijdens de zomer. Dan is het er zonnig en is de lucht helder. Het is ook dan dat de inwoners van Lima naar de stranden trekken, vooral naar de “Costa Verde” en de stranden ten zuiden van Lima. Opnieuw is het tijdens het zonnebaden opletten geblazen voor gauwdieven.

Er zijn geen exclusieve homostranden maar als je naar het “Playa Makaha”, “Playa Waikiki” of “Playa Las Cascadas” gaat, zit er een dikke kans in dat je andere homo’s ziet. Let ook op voor de zon, deze is veel feller dan je denkt. Gebruik dus een zonnecrème met een voldoende hoge factor (minimum 15). Duik niet in het water, want de kans bestaat dat je dan de volgende dagen op het toilet doorbrengt.

Tags : , ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Puerto Vallarta

puerto-vallarta-mexicoPuerto Vallarta is al decennialang de favoriete bestemming van de Amerikaanse strandnichten en de stad heeft een relaxte en tolerante sfeer. In de winter, vooral tijdens het Thanksgiving-weekend (de vierde donderdag van november) en tijdens de week tussen Kerstmis en Nieuwjaar, vult de stad zich met holebi-toeristen van over de hele wereld. Puerto Vallarta ligt waar de Mexicaanse bergruggen de Stille Oceaan ontmoeten, het weer is er warm, het is er altijd zonnig en het water is er uitnodigend.

De “Malecon” is een straat langs het strand met allemaal cafés en winkels die perfect zijn om er naar mensen te gluren tijdens de namiddag of tijdens een diner onder een heldere sterrenhemel. Het holebi-leven speelt zich af rond “Playa los Muertos” (het Strand van de Doden). Dit klinkt misschien gruwelijk, maar het strand is er heel mooi en gevuld met vriendelijke homo’s van alle nationaliteiten. Aan het zuidelijke einde van het strand is er de “Blue Chairs Resort”, het meest homo-achtige deel.

Het is ook een traditie om de vrijdag door te brengen in “Paco’s Hidden Paradise”, een afgesloten homo-resort met een klein mooi strandje. Voor een dagticket krijg je een cruise naar het resort, een buffet dat de hele dag open is en mag je heel de dag aan de bar hangen. Een cruise op het homozeilschip “Rainbow Dancer” is ook populair.

Je huurt best geen wagen in Puerto Vallarta. Je kunt gewoon overal naartoe wandelen en er zijn goedkope taxi’s. Maar het is aan te raden om een taxi te roepen wanneer je ’s nachts een club verlaat, of je kunt in groep terug naar het hotel gaan. Het is ook aan te raden om niets aan te kopen dat illegaal is, hoewel dat in Puerto Vallarta heel gemakkelijk is.

Toch is Puerto Vallerta een verrukkelijk vriendelijk stadje, met een levendige holebi-scène. Je kunt gerust op je Engels teren om je overal verstaanbaar te maken, want iedereen die er in de toerisme-industrie zit, spreekt het. Ook worden Amerikaanse dollars overal geaccepteerd.

Holebi-bars, restaurants en clubs in Puerto Vallarta

Mexico weet heel goed wat het nachtleven moet zijn, en in Puerto Vallarta begint het nachtleven laat. Bars worden populair vanaf 9 uur ’s avonds en de disco’s beginnen pas goed te draaien na middernacht. Buiten twee uitzonderingen speelt het holebi-leven in Puerto Vallarta zich af in “Zona Romantica”, een paar huizenblokken ten zuiden van de “Rio Cuale”. Hier vormt de “Olas Atlas” straat het kloppend hart van de holebi-scène, met bars en cafés, en het is een mooie start om de avond mee te beginnen. “Apaches” is een Canadese martini-bar, met een drukke happy hour van 17 tot 19 uur. De “Palm Bar” is een videobar die elke dag beelden uitzendt die opgenomen zijn op het “Los Muertos” strand. (Denk daar aan voor je op dat strand een striptease doet terwijl je een imitatie geeft van een ananas!)

Op het strand van Puerto Vallarta in Mexico

Op het strand van Puerto Vallarta in Mexico

Een paar huizenblokken verderop naar het zuiden is er “Garbo”, een pianobar in art deco waar men af en toe live jazzmuziek brengt. Er vlak naast is de “Kit Kat”, een chique restaurant met een populaire homobar. Verderop naar het strand is “DeWayne’s Oasis”, een mooie bar met een dakterras.

Twee huizenblokken ten noordoosten van “Olas Atlas” bevindt zich nog een ander handvol bars. “Los Amigos” heeft een groot terras en een vriendelijk publiek. Daarnaast is er “The Ranch” met een country-tintje waar vooral veel lesbiennes komen. “La Noche” staat voor een chique decor en een rustige sfeer. Verder naar het zuiden is er “Frida’s” voor een gemengd publiek, maar waar naarmate het later wordt, steeds meer homo’s komen. Hier zijn de prijzen voor de dranken relatief goedkoper. Datzelfde geldt ook voor “Kiko’s”, in het oudste deel van de buurt, een bar met een mooi decor.

Tijdens de dag kan je in strandbars terecht op de “Playa los Muertos” in het “Blue Chairs Resort” en in het goedkopere “Green Chairs”. Je hebt ook nog “La Bola”, een zwembadbar in het “Vallarte Cora Hotel”. En het is een traditie om de zonsondergang te bekijken vanop de dakterrassen van het “Descano del Sol Hotel” en de “Blue Sunset Bar”.

Wanneer het tijd is om te dansen, heeft Puerto Vallarta veel te bieden. Net ten noorden van de brug over de “Rio Cuala” is er “Antropology: The Study of Man”, een populaire disco met een jong publiek. Hier gaan de gogo-boys volledig uit de kleren. Hetzelfde gebeurt in “Los Balcones”, de oudste homoclub van Puerto Vallarta, bekend omwille van de vele balkons, het dakterras en de travestieshows. “Club NYPV” heeft dezelfde stijl als een dansclub in New York. Het is er donker en de muziek is er vooral techno.

Wat uiteten betreft, heeft Puerto Vallarta iets te bieden voor elk budget. “Santa Barbara” is populair bij holebi’s. Hun Mexicaanse en Amerikaanse menukaart wordt ondersteund door live theater op zondag, maandag en vrijdag. “Kit Kat” serveert menu’s van een hogere klasse en is enorm geliefd om er te ontbijten. “Le Bistro Jazz Café” is ook een gevierd restaurant onder holebi’s omwille van de Mexicaanse zeevruchtenschotels en het romantisch decor. “Café Bohemio”, een bistro, heeft een Amerikaanse keuken.

Verder kan je ook eten bij “Mama Dolores”, die Mexicaanse en Amerikaanse specialiteiten serveert, in “Chiles” kan je terecht voor een snelle lunch en je kan ook lekker eten in het “Blue Chairs Resort”.

Holebi-hotels in Puerto Vallarta

Het “Blue Chairs Resort” is het bekendste holebi-hotel van Puerto Vallarta, aan het homostrand. Zij beweren het grootste holebi-strandhotel van de wereld te zijn. De andere drie holebi-hotels zijn de “Vallarta Cora”, exclusief voor homo’s en vermaard omwille van de fuiven die er doorgaan, het “Hotel Mercurio”, in het centrum van “Olas Atlas” en “Descando del Sol”, een goedkoper alternatief dat verder van het strand verwijderd ligt.

Verkies je een Bed & Breakfast, dan kan je terecht in “Casa Cupula”, een elegant en intiem gasthuis. Of “Villa David”, een lieflijk gasthuis dat exclusief homo is, in het centrum van Puerto Vallarta.

Een appartement huren kan ook in Puerto Vallarta en hiervoor kan je terecht bij “Boana Torre-Malibu”, “Bugambilia Blanca”, “Suites Claudia”, “Casa de las Flores” en bij de “San Fransciscan”. Zoek je iets speciaals, probeer dan “Paco’s Gay Wilderness Park”, met zowel rustieke suites en slaapzalen. Je moet wel de boot nemen om er te geraken.

Holebi-evenementen in Puerto Vallarta

Er is geen officiële gaypride in Puerto Vallarta, maar de meeste holebi-fuiven worden gevierd tijdens de week tussen kerstmis en nieuwjaar, tevens ook de drukste week van de stad.

Tags : , ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Rio de Janeiro

rio-de-janeiroRio de Janeiro wordt terecht de “Stad der Wonderen” genoemd. Gebouwd op een stuk land dat grenst aan een grote baai en de Atlantische Oceaan, wordt de stad omgeven door enorme granieten heuvels, die overdekt zijn met overdadig groen, die in de lucht prikken. Glinsterende witte stranden bieden een gemakkelijk leventje voor zij die het zich kunnen permitteren om in plaats van te gaan werken, van de tropische zon te genieten.

Met meer dan 11 miljoen inwoners is Rio de Janeiro een drukke wereldstad en de tweede grootste stad van Brazillië. Het overdadige en geanimeerde karnaval, de invloeden van de Afro-Braziliaanse cultuur en het adembenemende landschap hebben ervoor gezorgd dat de stad een internationale toeristenbestemming is geworden. Tijdens de hete zomermaanden voegen er zich honderden homo-reizigers bij de Cariocas (de inwoners van Rio de Janeiro) om te genieten van de gespierde, bronzen schoonheden op het homostrand van Ipanema Beach.

Rio de Janeiro was de hoofdstad van het koloniale Brazilië van 1763 tot 1808, toen de Portugese koninklijke familie, op de vlucht voor het leger van Napoleon, van de stad de hoofdstad maakte van het Portugese rijk. Als centrum van het keizerlijke Brazilië tijdens het merendeel van de negentiende eeuw, trok Rio de Janeiro migranten aan uit alle delen van Brazilië en uit het buitenland.

In het hartje van wat de uitgaansbuurt was van Rio de Janeiro in de negentiende en de eerste helft van de twintigste eeuw, staat een ruiterstandbeeld van de eerste leider van Brazilië: Keizer Pedro I. Hoewel hij symbool staat voor de onafhankelijkheid van Portugal in 1822, heeft het park rond het standbeeld een minder vaderlandslievend doel voor mannen die er komen om te genieten van seks met andere mannen. Het “Plein van de Constitutie”, zoals het werd genoemd in de negentiende eeuw, was zo’n beruchte cruisingplaats dat er aan het begin van de twintigste eeuw cartoons werden gemaakt die verwezen naar het gebruik van het plein door homo’s om er seks te hebben.

De twintigste eeuw

Tijdens het begin van de twintigste eeuw liepen homo’s, die openbare plekken van Rio de Janeiro bezochten om er andere homo’s te ontmoeten, constant het gevaar om lastig te worden gevallen door de politie. In 1932 werkte het hoofd van de politie van Rio de Janeiro mee aan een studie van Dr. Leonído Riberio, de directeur van het Instituut voor Criminologie, door 132 homo’s te arresteren. Deze mannen werden in een rij gezet, gefotografeerd en dan onderzocht om een relatie tussen hun lichaamsdelen en hun homoseksualiteit te ontdekken.

Ribeiro baseerde zijn onderzoek op de theorie dat het hormonaal onevenwicht verantwoordelijk was voor homoseksualiteit, wat kon ontdekt worden door de overvloed of het gebrek aan haar of ongewoon lange of korte ledematen. Zijn dubieus onderzoek kreeg in 1938 de Lombroso Award van Italië omwille van de uitmuntendheid op het gebied van criminele antropologie.

Tijdens Wereldoorlog II, waren heel veel Amerikaanse marines gestationeerd in Rio de Janeiro en velen van hen hadden relaties met Braziliaanse homo’s. Tijdens die jaren kwamen er enkele homobars in de stad. Tezelfdertijd werd het strand rechtover de “Copacabana Palace”, het meest luxueuze hotel van Rio de Janeiro, een bekende homo-ontmoetingsplaats waar Brazilianen af een toe een glimp konden vangen van hun favoriete internationale filmsterren die er vakantie hielden.

Honderdduizenden homo’s en lesbiennes verhuisden naar Rio de Janeiro tijdens de jaren 1950 en 1960 om er te genieten van de stedelijke geneugten. Homo’s waren grote fans van radiozangeressen en troepten samen aan de opnamestudio’s van de Nationale Radio om er hun favoriete diva’s toe te juichen. Het nachtleven in Rio de Janeiro, vooral dan de clubs in Copacabana, trok ook veel jonge homo’s en lesbiennes aan die er zochten naar plaatsen waar ze elkaar konden ontmoeten.

Het gaystrand in Rio De Janeiro

Het gaystrand in Rio De Janeiro

Het karnaval was echter de kroon op het werk van de sociale activiteiten voor homo’s en lesbiennes in Rio de Janeiro. De kans die mannen kregen om zich te verkleden als vrouw en vice versa, de dartele sfeer in de straten en de travestiebals waren een bevrijdende ervaring voor velen die anders doorheen het jaar zich moesten houden aan het “fatsoen” van hun geslacht.

Tijdens de verschillende karnavalsfeesten werden groepen van homo’s steeds meer zichtbaar. Aan het begin van de jaren 1930 richtten de organisatoren van deze evenementen verkleedwedstrijden in en moedigden ze feestvierders aan om nog meer extravagante outfits aan te trekken.

Tegen het midden van de jaren 1970 werden deze bals zo populair dat internationale beroemdheden die Rio de Janeiro bezochten voor het karnaval, zeker deze travestiefeesten wilden bijwonen. Daarnaast kregen steeds meer homo’s een actieve rol in het ontwerpen en creëeren van spectaculaire sambaschooloptochten die het hoogtepunt van het karnaval van Rio de Janeiro waren.

In het midden van de jaren 1960 verhuisden heel wat jonge popzangers naar Rio de Janeiro, mensen zoals Maria Betânia, Gal Costa en Caetano Veloso. Hun dubbelzinnige seksuele personaliteit en de constante roddels over hun holebiseksualiteit zorgden ervoor dat ze op heel wat steun van holebi-fans mochten rekenen. Deze en andere Braziliaanse zangers, zoals Ney Matogrosso, verruimden ook de traditionele noties over fatsoenlijk gendergedrag omdat zij optraden in flamboyante kostuums en omdat ze zangers van hetzelfde geslacht op de mond kusten.

Holebi-activisme in Rio de Janeiro

In 1978, geïnspireerd door de internationale holebi-beweging, begon een groep van homoseksuele schrijvers en intellectuelen het maandelijkse tijdschrift “Lampião da Esquina” (straathoeklamp) te publiceren. De titel van het tijdschrift had een dubbelzinnige betekenis en verwees naar cruising en naar Lampião, een hypermannelijke Robin Hood-achtige bandiet uit het noordwesten van Brazilië.

Met als basis Rio de Janeiro, diende de redactie van de Lampião als kantoor voor de opkomende politieke holebi-beweging. Het tijdschrift promootte ook het idee van het aangaan van allianties met groepen van zwarten, feministen, inheemsen en ecologisten. Het driejarig bestaan van Lampião zorgde ervoor dat het idee van coming-out voortaan beschouwd werd als een politieke daad.

Toen holebi-groepen in Rio de Janeiro in 1995 besloten om als gaststad op te treden voor de “International Lesbian and Gays Association’s Seventeenth International Conference” was de holebi-beweging in Rio de Janeiro nog niet stabiel. Maar de deelname van verschillende honderden internationale gasten en de enthousiaste logistieke steun van de Brazilianen vanuit het hele land hielp tot de consolidatie van een nationale beweging in Brazilië.

Aan het einde van de conferentie, liepen tweeduizend mense langs de Atlantic Avenue met een regenboogvlag van 100 meter in de grootste gaypride in Brazilië tot dan toe. In 2003 deden 250.000 mensen dat opnieuw tijdens de gaypride in juni van dat jaar.

Ondanks het vele geweld in de stad en de grote sociale verschillen tussen de rijken en de armen, blijft Rio de Janeiro een leuk holebi-mekka.

Tags : , ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Buenos Aires

buenos-airesSpreek de naam “Buenos Aires” uit en mensen denken spontaan aan eenzame gaucho’s (Argentijnse cowboys), zwoele tangodansers of misschien aan Madonna die Evita imiteert. Of misschien herinneren ze zich televisiebeelden van plunderende mensenmassa’s en grote, en soms gewelddadige, demonstraties. Argentinië heeft wel degelijk veel waarvoor je zou kunnen huilen, met een economie die op instorten staat en een regering die eens vijf presidenten kende in twee weken. Maar ondanks deze narigheden blijft Argentinië een romantische reisbestemming.

In het algemeen is Argentinië een veilige plek. De sociale onrust is afgenomen, hoewel je als toerist beter grote demonstraties vermijdt. Elk jaar komen er steeds meer toeristen naar dit land.

Waarom? Alles in Argentinië lijkt dringend behoefte te hebben aan een fris likje verf. Je ziet er daklozen, je ziet ze zoeken naar voedsel in vuilnis, maar je ziet heel weinig bedelaars. Iedereen lijkt iets te verkopen. Op de Avenida 9 de Julio proberen jongleurs chauffeurs te laten stoppen om ze geld te geven voor hun kunsten. De Argentijnen hebben nog steeds hun trots.

Ook is iedereen er vriendelijk. Als je er verloren uit ziet, stoppen de mensen om je terug op weg te helpen.

Het weer in Buenos Aires

Buenos Aires ligt aan de zuidkant van de Rio de la Plata en het klimaat is er over het algemeen mild en vochtig. De temperaturen schommelen tussen 35°C in januari en 10°C in juli. Van december tot eind februari kan het extreem heet zijn in de stad en is er een vochtigheid van 65%. In de wintermaanden juni, juli en augustus is dit zelfs 95%. De meeste regen valt tijdens de zomer.

De taal

Spaans. Er wordt enkel Engels gesproken in een paar toeristische centra en in enkele hotels. Zorg dat je wat basiskennis van het Spaans hebt. Je zult het nodig hebben.

Een dag in Buenos Aires

Een gewone dag in Buenos Aires begint meestal tussen 8 en 9 uur. Rond 14u00 wordt er geluncht. In de namiddag gaan winkels terug open om 16u00. Er is sprake van een traditionele siësta tussen 14u00 en 16u00. Er wordt meestal laat gedineerd: rond 22u00 en het is niet ongewoon dat er pas om middernacht aan tafel wordt gegaan. Bars lopen pas vol om 12 uur ’s nachts en disco’s gaan niet open voor 1 uur, en pas om 3 uur zit er volk.

Holebi-logementen in Buenos Aires

  • Aprea’s Guest House Gral: b&b in een rustige buurt in Buenos Aires op wandelafstand van de metro en het station. Dubbele en single kamers. Zwembad.
  • Bayres Gay B&B: gelegen in het ‘soho’ van Buenos Aires. Internetaansluiting. Terras. Persoonlijk onthaal.
  • El Firulete Hostel: in het centrum. Professioneel, informeel onthaal.
  • Garden House Hostel.
  • Lugar Gay. Kamers met tv, safe, alarmklok en ventilator.
  • MIlhouse Hostel: gerestaureerd pand in het hartje van Buenos Aires. Ontbijt inbegrepen, patio, café, kitchinette, wassalan, internet, tv-kamer en tangolessen.
  • Youkali Estados: klein kitscherig hotel dat elke drie maanden van interieur verandert. Heeft eigen restaurant.

Bezienswaardigheden

Buenos Aires is de hoofdstad van de republiek Argentinië. De inwoners worden “Porteños” genoemd. Dit is het intellectuele centrum van het land op gebied van zaken, financies, cultuur en intellect.

Er is nog maar weinig van de Spaanse erfenis te zien. Tijdens de 19de eeuw kende de stad een boom en was er een grote architecturale en culturele invloed uit Europa, vooral dan uit Frankrijk. Daarom staat Buenos Aires bekend als het “Parijs van Zuid-Amerika”. Het moderne Buenos Aires met zijn hoge wolkenkrabbels contrasteert hiermee. Toch zijn er nog steeds brede lanen, prachtige parken en mooie residenties.

Centro – Plaza LaValle/Teatro Colon/Avenida 9 de Julio/Obelisco/Theater Center

San Nicolas, de orginele naam voor dit deel van de stad, is de geboorteplaats van Buenos Aires. Omringd door de lanen Rivadavia, Cordoba, Callao en Madero, doorkruist door de 9de Julio Avenue en de voetgangersstraten Floria en La Valle ligt Plaza LaValle, ook bekend als de “Tribunales” (gerechtshoven) en het beroemde Teatro Colon, één van de beste opera’s ter wereld, het “Palacio de los Tribunales”, en de “Palacio de La Justicia”. De 9de Julio Avenue is de breedste laan ter wereld en doorkruist de stad van het noorden naar het zuiden. De naam van deze avenue verwijst naar de Argentijnse onafhankelijkheid. De “Obelisco” is een monument en herinnert hier ook aan.

Monserrat – Casa Rosada/Plaza de Mayo/Catedral Metropolitana/Cabildo/Iglesia de San Ignacio/Congreso

Het centrale zenuwstelsel van de Argentijnse overheid bestaat uit de “Plaza de Mayo” en de “Plaza de los dos Congresos”. Aan de eerste plaza staan het “Casa Rosada” (het presidentieel paleis), “El Cabildo” (het legermuseum) en de “Catedral Metropolitana” en aan de tweede plaza staan het “Congreso” (het parlement).

Puerto Madero – Reserva Ecologica/Lola mora/Fragata del Presidente Sarmiento

De “Puerto Madero” is geïnspireerd op de haven van Liverpool en werd gebouwd door Eduardo Madero in 1887. Vandaag is het één van de duurste buurten in de stad. De 16 oude dokken zijn omgeturnd in klasserestaurants, cafés, lofts en kantoren. In de jachthaven liggen 400 zeilboten en het is tevens de locatie van het Hilton Buenos Aires Hotel. Er is ook een natuurreservaat van 360 hectaren waar je kunt fietsen.

Retiro – Torre Monumental/Estacion Retiro/Plaza San Martin

De avenues Cordoba, Leandro N. Alem en de San Martin straat vormen de grens van Retiro. De “Torre Monumental” was een geschenk van de Engelse inwoners om de 100-jarige onafhankelijkheid te herdenken. Het “Estacion Retiro” is één van de grootste stations ter wereld. Aan het “Plaza San Martin” staat aan de ene kant een monument ter nagedachtenis van Generaal Jose de San Martin. Aan de andere kant staat er een monument ter ere van de Argentijnen die stierven tijdens de Falkland-oorlog in 1982.

Recoletta – Plaza Francia/Centro Cultural Recoleta/Cementerio de la Recoletta/Basilica de Pilar

De naam “Recoleta” is afgeleid van de Recoleto Monniken (Fransiscanen) die een klooster stichtten tijdens de 18de eeuw. Omgeven door de avenues “Libertador”, “Callao” en de “Esmeralda”, Austria” en “Juncal” straten is dit de meest toeristische plek in de stad. Het staat bekend als klein Parijs door de Franse stijl, de exclusieve lanen, de parken, winkels en dure restaurants. Elke zondag worden er op de “Plaza Francia” Argentijnse kunstvoorwerpen verkocht. Aanraders hier voor een koffietje zijn “La Biela” en “Cafe de la Paix” waar je van het uitzicht kan genieten. Een ijsje eet je bij “Freddo”. “Cementerio de la Recoleta” is het kerkhof waar de meest beroemde Argentijnen rusten, zoals bijvoorbeeld Eva Peron en haar familie. De mausoleums zijn er gebouwd in de vorm van kapellen, piramides en Griekse tempels. De “Basilica del Pilar” werd gebouwd in 1732 door de Fransiscaanse Recoletos

Palermo – Jardin Japones/Museo Eva Peron/Bosques de Palermo/Planetario Galileo Galilei/Monumento a los Españoles

In deze oude buurt vind je de meeste holebi-trefpunten. Er zijn heel veel restaurants en er wonen veel artiesten. De “Jardin Japones” is een tuin in Japanse stijl. In 2002 opende het “Museo Eva Peron”. “Bosques de Palermo” opende als park in 1874 en kan je vergelijken met “Central Park” in New York. Je kunt er de “Jardín de los Poetas” (met standbeelden van beroemde schrijvers). In het “Rosdal” kan je genieten van kleurrijke rozen. Verder zijn er nog pergola’s, bruggetjes, fonteinen, zitbakjes, straatlampen. Je kunt gaan roeien op de vijver of er met een pedalo peddelen. Je komt er ook veel lopers en fietsers tegen.

San Telmo – Iglesia de San Pedro Telmo/Basilica de Santo Domingo/Mercado de San Telmo

Dit is de geboorteplaats van de stad Buenos Aires. Elke zondag kan je er naar de “Feria de San Telmo” (een rommelmarkt). Aarzel niet om er af te dingen, want dat is er de norm. Staat de prijs je niet aan, loop dan gewoon weg, je zult verbaasd zijn van het resultaat.

La Boca – Geboorteplaats van de tango/Caiminito

“La Boca” is eigenlijk “klein Italië”. Hier werd de tango uitgevonden in de bordelen. Hier vind je ook “Teatro de la Ribera” en het “Museo de Bellas Artes”. “Caiminito” is een voetgangersstraat die de moeite is om eens door te lopen.

Holebi zijn in Buenos Aires

buenos-aires-argentinieVanaf 15 december 2003 kunnen koppels van hetzelfde geslacht zich wettelijk laten registreren. Buenos Aires was hiermee de eerste jurisdictie in Zuid-Amerika waar dit mogelijk was. Adoptie is nog niet mogelijk, maar zaken zoals pensioen, verzekering en erfenis zijn geregeld. Homo’s en lesbiennes moeten tenminste twee jaar samenwonen voor ze die rechten kunnen krijgen.

Net zoals in vele andere landen is het niet verboden om in het openbaar andere holebi’s te kussen, te strelen, te knuffelen of er hand in hand mee te wandelen. Dit gebeurt wel niet vaak in Buenos Aires en kan hier en daar voor fronsende wenkbrauwen zorgen en verbale agressie.

In Buenos Aires kan je andere homo’s ontmoeten in clubs, bars, cafés en restaurants die ofwel enkel voor homo’s bedoeld zijn of waar er een gemengd publiek is. Er zijn ook homosauna’s en homocinema’s. Ook in parken (na zonsondergang) kan je aan je trekken komen en er zijn hotels waar je voor een uurtje terecht kan.

Er bestaat niet zoiets als een homo-ghetto in Buenos Aires, hoewel de meesten in de buurten “Barrio Norte”, “Palermo” en “San Telmo” wonen. Er zijn bijna geen escorts of bordelen voor homo’s. De enkele homo-bordelen die wel bestaan zijn zeer prijzig.

Eten en drinken

In Buenos Aires zijn er heel veel restaurants, waar je zowel lokale en internationale gerechten op de menukaart staan. In de betere restaurants wordt er van je verwacht dat je er naar gekleed bent. Dineren gebeurt meestal zeer laat. De meeste restaurants openen hun deuren pas om 21u00 en sluiten pas om 2u00. De meeste mensen gaan om 22u00 aan tafel. Enkele aanraders:

  • CH 2626 Charchas in Palermo: hier komt een stripper naar je tafel op zaterdagen.
  • Chueca Resto-Bar Soler in Palermo: op donderdagen zijn er go-go dansers. Rond middernacht is er een show met drag queens.
  • Empire Bar Tres Sargentos in Microcentro: populair homo-restaurant.
  • Tacla in Palermo: zeer goed internationale menu’s met een stripper rond middernacht.

Winkelen

De meeste winkels zijn open van 9u00 tot 19u30 (in het weekend tot 01u00). De lanen “Santa Fe” en “Callao” en de “Florida-” straat zijn de meest bekende winkelstraten in Buenos Aires.

In “Florida“ straat, in het hart van het centrum zijn er verschillende winkels, hamburgerrestaurants en internationale klasserestaurants. In de lanen “Santa Fe” vind je heel veel bioscopen, galerijen, winkels, koffiehuizen, winkelcentra en restaurants. Exclusieve boetieks vind je in “La Recoleta”.

De beste koopjes in Buenos Aires zijn lederwaren, zilver, bontjassen en Gaucho-souvenirs. Tijdens de weekends is er ook een markt in San Telmo, daar vind je antiek en kunst.

Tags : , ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Washington

washington-dc-verenigde-statenSinds 1800 is Washington de hoofdstad van de Verenigde Staten en sinds een honderdtal jaar is het ook één van de holebi-hoofdsteden van Amerika, ondanks periodieke strafcampagnes van de politie en de overheid.

Historisch werd de holebi-bevolking van Washington verdeeld door ras en geslacht, wat al vroeg leidde tot de ontwikkeling van levendige zwarte holebi- en blanke lesbogemeenschappen en er ook voor zorgde dat de staat Columbia een hoofdrol speelde in de zwarte holebi- en lesbische feministische bewegingen.

De stad was ook een voorloper in het maken van wetten voor meer rechten voor holebi’s, hoewel dat de federale regering van de Verenigde Staten steeds heeft geprobeerd om elke lokale maatregel te hinderen die het leven van holebi’s wou verbeteren.

Cruisende homo’s in de hoofdstad van Amerika

De holebi-geschiedenis van Washington dateert tenminste van de vroege jaren 1890, toen zwarte mannen in vrouwenkleren een jaarlijkse “drag dance” organiseerden en toen achttien mannen (waarvan de meesten zwarten waren) werden opgepakt omdat ze orale seks hadden met elkaar op Lafayette Square (rechtover het Witte Huis).

Niettegenstaande de dreiging om gearresteerd te worden bleven mannen andere mannen zoeken voor seks. Ze deden dit vooral in parken. Bijvoorbeeld, Jeb Alexander, een blanke ambtenaar uit de middenklasse, ging regelmatig cruisen in de parken van Washington en hij zocht seksuele partners in theaters en vaudeville-huizen tijdens de vroege jaren 1920.

Afro-Amerikanen in Washington

Omdat er nog een scheiding bestond, hadden de Afro-Amerikanen tot de jaren 1950 slechts beperkte toegang tot openbare instellingen. Parken waren één van de weinige plaatsen waar zwarten en blanken die geïnteresseerd waren in homoseks elkaar konden ontmoeten. Toch waren er verschillende interraciale clubs die gericht waren op lesbiennes, homo’s en bi’s tijdens de jaren 1920 en 1930. Tijdens de late jaren 1940 was er een bar in de nabijheid van Howard University die populair was bij zwarte homo’s en bi’s en bij blanken die er op zoek waren naar zwarte sekspartners.

Daar holebi-Afro-Amerikanen vaak niet binnenmochten in de vele homo-restaurants en –bars in Washington, ontmoetten ze elkaar vaak thuis of in verdoken bars.

Ze begonnen ook hun eigen bars te openen, waaronder de “Nob Hill”. Deze bar begon als privé-club in de vroege jaren 1950 en is nu de oudste nog bestaande zwarte homobar van de Verenigde Staten.

De holebi-Afro-Amerikanen in Washington zijn blijven geschiedenis schrijven, met in 1978 de oprichting van de “Baltimore-Washington Coalition of Black Gay Men and Women”, de eerste zwarte holebi-activistenorganisatie en met in 1991 de “Black Lesbian and Gay Pride Weekend”.

De Staat Columbia is ook altijd een cultureel centrum geweest voor zwarte holebi-artiesten, vooral dan tijdens de jaren 1980 toen lokale artiesten zoals Essex Hemphill en Michelle Parkerson nationale bekendheid kregen.

Lesbisch feministisch activisme in Washington

De lesbische feministische activisten in Washington hadden ook een nationale impact. Deze beweging werd voor een groot deel gevormd door de “Furies”, een gemeenschap van twaalf blanke vrouwen die samen werkten en leefden in Washington. Leden van deze groep, waaronder Rita Mae Brown, Joan E. Biren, Ginny Berson en Charlotte Bunch, werden pioniers in de lesbische literatuur, kunst, muziek en politiek.

In 1990 stichtten lesbische activisten in het District Columbia het Mary-Helen Mautner Project voor Lesbiennes met kanker. Dit was de eerste organisatie van het land met als missie het bieden van steun aan lesbische vrouwen die deze ziekte kregen. Deze organisatie heeft ook educatieve programma’s om lesbiennes te informeren over kanker en de gezondheidszorg. Dankzij het Mautner Project wordt over de invloed van kanker op lesbiennes en biseksuele vrouwen nu ook gedebatteerd in de Amerikaanse medische instellingen.

Controle op holebi’s in Washington

Homo uitgaansleven in Washington DC

Homo uitgaansleven in Washington DC

Naast de baanbrekende zwarte holebi- en lesbische feministische bewegingen, staat het District Columbia in de holebigeschiedenis ook geboekstaafd als één van de plekken met de ergste strafcampagnes tegen lesbiennes, homo’s en bi’s. Als antwoord op de toenemende zichtbaarheid van homo’s in de parken en bars van Washington na Wereldoorlog II en op de hysterie van de Koude Oorlog waarbij holebiseksualiteit aan het communisme werd gelinkt, lanceerde de politie van Washington een “Seksuele Perversie Eliminatieprogramma” en de districtspolitie vormde speciale moraalbrigades. Samen arresteerden ze meer dan duizend homoseksuele en biseksuele mannen per jaar in de late jaren 1940 en de vroege jaren 1950.

Deze vervolging kende zijn hoogtepunt met de heksenjacht van Senator Joseph McCarthy tegen vermoedelijke homo’s en lesbiennes in de overheid, wat leidde tot het ontslag van honderden ambtenaren en de wet uit 1953 waarbij aan federale diensten verboden werd om “seksueel perverse personen” in dienst te hebben.

Aangezien de overheid de grootste werkgever in Washington is, kwam deze wet hard aan, vooral dan bij blanke homo’s. Het aantal ontslagen homo’s nam af tegen de jaren 1960, maar het was pas tegen de jaren 1990 dat de federale instellingen anti-discriminatie-regels begonnen te gebruiken om de rechten van hun holebiseksuele werknemers te beschermen.

Als antwoord op deze vervolging werd de eerste homo-organisatie van Washington, een onderdeel van de Mattachine Society, opgericht in 1961 door activisten Frank Kamey, Jack Nichols, Lilli Vincenz en anderen. Het meest zichtbare actie vond plaats in 1965 toen ze een serie overheidsinstituten aanklaagden voor hun discriminatie van holebi’s met betogingen.

De federale tegenover de lokale overheid

Terwijl de federale Amerikaanse overheid altijd al vijandig heeft gestaan tegenover de holebi-gemeenschap, stond de lokale districtoverheid, sinds deze in de vroege jaren 1970 beperkte autonomie kreeg toegewezen van het Congres, altijd al op het voorfront wat betreft wetten die de rechten van holebi’s beschermen.

In 1973 werd Washington de eerste grote stad van Amerika om discriminatie op basis van seksuele geaardheid te verbieden bij huisvesting, arbeid en openbare voorzieningen en in 1976 werden deze uitgebreid met het recht op voogdij en bezoekrechten. Het gelobby van holebi-activisten leidde in 1975 ook tot de stopzetting van fondsen voor de moraalbrigades, waarmee de jarenlange vervolgingen werden beëindigd.

Echter, sinds de jaren 1980 heeft de federale overheid van Amerika regelmatig geprobeerd om het district ervan te weerhouden om pro-holebi-maatregelingen aan te nemen. Op die manier werd de anti-sodomie-wet pas afgeschaft in 1993 en het geregistreerde patnerschap werd pas goedgekeurd in 2002.

Het Congres blijft het District Columbia ervan weerhouden om fondsen te gebruiken voor een schone-naald-uitwisselingsprogramma om de verspreiding van hiv in te perken. Ook mocht het Columbia van het Congres geen twee openlijk homoseksuele scoutsleiders, die uit de scouts werden gezet, terug in dienst stellen.

Nationale hoofdkwartieren

Als de hoofdstad van de Verenigde Staten en het centrum van de politieke macht, is Washington ook de thuisbasis geworden van een aantal organisaties die belangrijk zijn voor de holebi’s. De “Human Rights Campaign”, de “National Gay and Lesbian Task Force, de “National Latina/o Lesbian, Gay, Bisexual, and Transgender Organization”, “GenderPAC”, de “Gay and Lesbian Victory Fund”, de “Aids Action Council”, de “National Minority Aids Council” en “Parents, Families and Fries of Lesbians and Gays” zijn slechts een paar voorbeelden van organisaties die hun hoofdkwartier in Washington hebben.

Omdat Washington de hoofdstad van de Verenigde Staten is, is het altijd de plek geweest van de meest belangrijke nationale demonstraties voor holebi-rechten, waaronden vier “Marches on Washington”.

Besluit

Discussies die gaan over Washington, het District Columbia en holebi’s, concentreren zich vaak op het gebrek aan steun, of de openlijke vijandigheid, van de federale overheid tegenover holebi-rechten. Maar de hoofdstad van de Verenigde Staten heeft levendige holebi-gemeenschappen met een rijke geschiedenis. Een boekhandel, klinieken, bars en restaurants en politieke en culturele organisaties zijn slechts een paar van de bloeiende holebi-instellingen waarvan holebi-inwoners van Washington op vandaag kunnen genieten.

Tags : ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Seattle

seattleSeattle heeft als commerciële wereldstad in het noordwesten van de Verenigde Staten altijd mensen aangetrokken die hun kans wilden wagen en die onafhankelijkheid zochten. De aantrekkingskracht van Seattle op holebi’s wordt gestaafd met documenten die teruggaan tot in de jaren 1930, maar hoogst waarschijnlijk was dit al veel vroeger het geval.

Het vroegere Seattle

Reeds na een paar jaar nadat de eerste Europeanen er aankwamen in 1851, was het gebied ten zuiden van “Skid Road” een plek vol met saloons en goedkope hotelletjes op maat van jonge, alleenstaande mannen. In dit milieu werd het eerste geval van een inbreuk op de nieuwe anti-sodomiewet opgetekend in 1893: een man werd veroordeeld tot zeven jaar dwangarbeid voor “het omgaan met een andere mannelijke persoon”.

Diverse politici en hervormers vaardigden anti-wetten uit om de activiteiten in het gebied te regelen. Als antwoord daarop begonnen ondernemers de controleurs te betalen zodat ze “toleranter” zouden zijn. Deze praktijk zou nog blijven bestaan tot in de jaren 1960.

De eerste ontmoetingsplaatsen voor homo’s bevonden zich in het voormalige saloon-district, na de herroeping van de drooglegging. “The Casino” dat ook bekend stond onder de naam “Madame Peabody’s School of the Dance” of “The Dance” stond toe dat homo’s er met elkaar dansten en was bekend langs de hele westkust in de jaren 1930 en 1940. Tijdens de jaren 1960 was het een verwaarloosde maar populaire afterclub waar holebi’s van allerlei sociale klassen samenkwamen.

De “Double Header” was een andere holebi-ontmoetingsplaats sinds de jaren 1940 en zou de oudste, nog steeds bestaande, holebi-bar zijn van de Verenigde Staten.

Seattle na de Tweede Wereldoorlog

Tijdens de Tweede Wereldoorog was Seattle een belangrijk industrieel centrum en een militair verdeelpunt. Homo’s en lesbiennes van in het binnenland, die er passeerden voor hun werk of voor hun dienst, ontdekten er de bestaande holebi-gemeenschap en kwamen er wonen na de oorlog.

De politie bleef afperssommen innen en waarschijnlijk daardoor bleven de plaatselijke ambtenaren relatief tolerant tegenover holebi’s. Zo waren er de “Garden of Allah”, een dragqueen-cabaret en de “Madison” een lesbisch café. Maar toen de afperssommen toenamen, besloot één eigenaar van een holebi-bar naar de pers te stappen.

De krant “Seattle Times” schreef over het schandaal in de late jaren 1960. Dankzij een reeks onderzoeken werd het afperssysteem uiteindelijk afgeschaft.

Holebi-activisme in Seattle

Homostudenten, eigenaars van holebi-bars en zelfs een heteroseksuele pastoor richtten samen de “Dorian Society” op, de eerste homo-organisatie van Seattle in 1965. Eén van hun belangrijkste werken was een verhaal in het magazine “Seattle” in 1967, waarbij één van hun leden de cover sierde.

Dorian hielp ook een pediater van de universiteit van Washington bij de uitbouw van de dienst voor seksuele minderheden van Seattle. Deze dienst startte in 1969 en is de oudste organisatie in zijn soort.

Tegen 1969 was er ook een sociaal netwerk actief dat homo- en lesbofeesten sponsorde in afgelegen landelijke dorpen. Het voormalige saloon-district was nog steeds het centrum van de homobar-cultuur, maar dit zou snel veranderen. Urbanisten hadden de historische nalatenschap van het district ontdekt. Tegen de jaren 1970 waren de historische buurten gerestaureerd – vooral dan met het oog op het toerisme – en swingden de huurprijzen de pan uit. Holebi-cafés verhuisden naar Capitol Hill, een buurt ten westen van het stadscentrum.

De holebi-bevrijding in Seattle in de jaren 1970 en 1980

Gaypride in Seattle

Gaypride in Seattle

Net als in andere steden streefden in de jaren 1970 de holebi’s in Seattle naar meer vrijheid. Het resultaat daarvan was het eerste gemeenschapscentrum voor holebi’s van Seattle en de “Seattle Gay News”. In 1971 opende het “Lesbian Resource Center” dat een dichte band had met het nieuwe lesbische feminisme.

Er kwam een lokale tak van de “Metropolitan Community Church” in Seattle in 1972 en vele “gewone” congregaties verwelkomen sindsdien holebi-leden.

Een gemeenschap van krachtige vrouwen experimenteerde met leven in communes en andere progressieve bewegingen karakteriseerden de holebi-politiek van Seattle tijdens de jaren 1970 en 1980.

In 1973 haalde Washington sodomie uit zijn strafwet en Seattle voegde “seksuele geaardheid” in zijn anti-discriminatie-wetten. In 1978, geïnspireerd door het succes van de anti-holebi-kruistocht van Anita Bryant, wilden twee politie-agenten deze beslissingen herroepen. Na een bewogen en opvallende campagne waarin gematigde en liberale leden van de holebi-gemeenschap stemmen wierven in hun districten, werd het verzoek van de politie-agenten verworpen. De kiezers kozen ervoor om de holebi’s te steunen en de carrières van verschillende actieve liberale kandidaten hadden een zetje gekregen.

Het huidige Seattle

De conservatieve legislatuur heeft meermaals pogingen om holebi’s meer rechten te geven, geblokkeerd. Maar toch zijn er vele gezondheids-, sociale en spirituele diensten voor holebi’s in Seattle. De kinderen van holebi-ouders groeien op en er is een netwerk dat hen helpt bij hun vragen.

De kiezers van Seattle hebben homo’s en lesbiennes verkozen voor een job in de ambtenarij. Ongeveer 20 jaar na de sluiting van het eerste holebi-gemeenschapscentrum is er een nieuw geopend in 2002. De initiatieven van jaren eerder om meer rechten aan holebi’s te geven, zijn ondertussen vaste waarden geworden.

Tags : ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

San Francisco

san-franciscoSan Franciso geniet al zeker sinds 1964 de onbetwiste reputatie van “holebiparadijs”. In dat jaar publiceerde het “Life”-magazine een baanbrekend hoofdartikel, getiteld “Holebiseksualiteit in Amerika”, dat de stad bij de baai tot “holebihoofdstad” van de Verenigde Staten uitriep. Die karakterisering vloeide gedeeltelijk voort uit het feit dat de twee leidende nationale organisaties voor holebi’s – de “Mattachine Society” en de “Daughters of Bilitis” – al sinds 1950 hun hoofdzetel in San Francisco hadden.

De aanwezigheid van deze organisaties in San Francisco weerspiegelde een beduidende toename in holebiseksuele zichtbaarheid in de San Francisco Bay Area tijdens en onmiddellijk na de Tweede Wereldoorlog. San Francisco lijkt niet erg verschillend geweest te zijn met andere belangrijke Amerikaanse havensteden in termen van haar holebiseksuele en transseksuele subculturen; met andere woorden, deze subculturen waren aanwezig maar waren echter geen karakteriserend kenmerk van de stad in de bredere culturele verbeelding. Vóór het midden van de twintigste eeuw konden de subculturen van seksuele minderheden in San Francisco niet concurreren met de complexiteitsniveau’s die gevonden konden worden in oudere, eerder gevestigde Oostkust-steden, in het bijzonder New York.

Vroege geschiedenis

Er is weinig documentatie bewaard gebleven van de Indiaanse, Spaanse en Mexicaanse periodes in San Francisco’s geschiedenis, hoewel de eerste Spaanse missionarissen melding maakten van het bestaan van de zogenaamde “berdache” of “twee-geest” traditie bij de inheemse Ohlone stam.

De beginperiode van de Anglo-heerschappij, die ingeluid werd met de verovering van Californië tijdens de Mexicaans-Amerikaanse Oorlog van 1846-1848 en de snelle toevloed van VS-burgers tijdens de goudkoorts van 1849, levert ook weinig bewijs van holebiseksualiteit, hoewel men veel kan opmaken uit haar ongedocumenteerd bestaan.

De immigratie naar Californië was tot laat in de jaren 1850 bijna uitsluitend mannelijk, en het merendeel van de weinige vrouwelijke immigranten ware prostituees. In zo’n seks-gescheiden en vrij gesloten omgevingen, voornamelijk waar man-vrouw seksualiteit vooral op commerciële basis gedragen wordt, neigt er in grote mate situationele homoseksualiteit tussen mannen aanwezig te zijn. In San Francisco was er ook een goed gedocumenteerde aanwezigheid van vrouwelijke individuen die leefden en werkten als mannen. In 1876 bijvoorbeeld, leidde Jeanne Bonet, die in mannelijke kledij leefde, een bende ex-prostituees die, volgens de sensationele journalist Herbert Asbury, “niets met mannen te maken hadden”.

De ongewone geslachtsindeling van de bevolking in San Francisco in het midden van de negentiende eeuw droeg bij tot de ontwikkeling van een uitgebreide prostitutiebuurt, de legendarische “Barbary Coast”, wat San Francisco als snel de reputatie van een “zeer open stad” opleverde. De geringe openheid van een schuine, half publieke seksuele cultuur in San Francisco, alsook de maritieme economie en haar ontluikende, onconventionele literatuur en toneelscènes, droegen vóór de twintigste eeuw bij tot de ontwikkeling van rijke holebiseksuele en transseksuele subculturen. Asbury merkt op dat de bordeels langsheen de “Commercial Street” in het bijzonder “frequent bezocht werden door geperverteerde personen” zoals mannen die vrouwenkledij droegen, en dat populaire erotische seksshows zowel mannelijke als vrouwelijk entertainers hadden “die ertoe bereid waren alles te doen wat hun erotische fantasieën hun oplegden”.

Het is moeilijker om de geschiedenis van lesbiennes te achterhalen omwille van de algemene uitsluiting van vrouwen uit het arbeidsleven en openbare leven – behalve prostituees – wat het moeilijker maakte voor vrouwen om seksuele levens voor zichzelf te creëren onafhankelijk van de vereisten van het familieleven, het opvoeden van de kinderen en het huishouden. Het lijkt echter toch dat “passionele vriendschappen” tussen vrouwen in deze periode soms seksuele expressie omvatten, maar dit aspect van het leven van vrouwen werd zelden geregistreerd.

De voorlopers van de moderne subculturen

De voorlopers van de moderne holebiseksuele en transseksuele subculturen in San Franciso dateren van ongeveer de twintigste eeuwwisseling. Edward Irenaeus Prime-Stevenson, die schreef onder het pseudoniem Xavier Mayne, beschreef in “The Intersexes: A History of Similisexualism as a Problem in Social Life” de ongeremde homoprostitutie tussen soldaten die zich verzamelden in San Francisco’s presidio tijdens de Spaans-Amerikaanse oorlog van 1898.

Charles Warren Stoddard, een lid van San Francisco’s literaire elite, publiceerde de onbeschroomd homoërotische en autobiografische roman, “For the Pleasure of His Company: An Affair of the Misty City”, in 1903.

Een verslaggeefster uit San Francisco van de eminente Duitse sexuoloog Magnus Hirschfeld, beschreef in 1905 haar leven als een transseksueel persoon die soms een pension openhield voor meisjes die in een dancing werkten.

Kort na de grote aardbeving en brand van 1906, reisde een jonge San Franciscaanse genaamd Alice B. Toklas met haar vriend naar Parijs, waar ze voorgesteld werd aan de in Oakland geboren Gertrude Stein, waarna Toklas en Stein één van de meest publieke, gevierde en langst durende lesbische relaties ooit gekend begonnen.

In 1908 werd The Dash, een bar en dancing in het Barbary Coast district, door de politie gesloten omdat er naar verluidt travestieten toegelaten werden om op de tafels de dansen en die klanten toelieten orale seks men hen te hebben onder hun opgeheven rokken.

Wereldoorlog I en de opkomst van moderne subculturen

Wereldoorlog I bracht ingrijpende veranderingen met zich mee voor San Francisco’s seksuele cultuur. In samenwerking met de militaire autoriteiten die bezorgd waren over de verspreiding van geslachtsziekten tussen troepen, en sociale zuiverheidshervormers die betrokken waren bij drankverbod en anti-prostitutiecampagnes, sloten stadsbeamten in 1917 de Barbary Coast. Veel van de prostitutiehandel werd clandestien en verplaatste zich naar het Tenderloin district, onmiddellijk ten noorden van de Market Street, de belangrijkste handelsverkeersader van de stad, waar het gecontroleerd en gereguleerd werd door corrupte leden van San Francisco’s politie.

Het was in de speakeasies en gin bars van Tenderloin tijdens het tijdperk van de drooglegging dat San Francisco’s moderne holebicultuur vorm kreeg. Wanneer de prohibitie opgeheven werd in 1933, openden er snel een aantal homobars in Tenderloin, wat het epicentrum bleef van de homobarcultuur tot in de jaren 1960. Een van de etablissementen in Tenderloin, Finnochio’s, een travestieclub, verplaatste zich naar het nieuwe onconventionele district, Nort Beach, dat opdook in het vroegere Barbary Coast. Finnochio’s hield stand tot 1999.

In het North Beach amusementsdistrict vestigde zich ook het in San Francisco eerst gekende lesbische etablissement, Mona’s, waar transvestiete vrouwelijke artiesten en personeel te gast waren. Tussen de jaren 1930 en 1950 bestonden holebiseksuele en transseksuele subculturen in nauwe samenwerking met nachtclubs zoals Mona’s en Finnochio’s, wat tegelijkertijd inspeelde op de noden van de toeristen die op zoek waren naar ‘risqué experimenten, alsook de leden van seksuele subculturen die sociale ruimte zochten.

Homo’s mannen en lesbiennes leefden ook in de buurt van North Beach, vooral zij met een artistiek en literair bewustzijn. Elsa Gidlow, die er leefde tussen 1926 en 1954, schreef het eerste volume expliciet lesbische dichtkunst, On a Grey Thread, dat gepubliceerd werd in Noord-Amerika in 1923. Haar directe vriendenkring bevatte de schrijvers Kenneth Rexroth en Lincoln en Una Jeffers, en ze was verslaggeefster van Radclyffe en Una Trowbridge, die ze leerde kennen tijdens een jaartje buitenland in Parijs.

Wereldoorlog II

Wereldoorlog II bracht verdere ingrijpende veranderingen met zich mee voor San Francisco’s seksuele ecologie. Zoals de historicus Allan Bérubé heeft aangetoond, speelde de oorlog zelf een cruciale rol in de vorming van nieuwe seksuele indentiteitsgemeenschappen door grote aantallen homo’s als het ware bij elkaar te gooien die associatieve netwerken vormden op basis van hun gedeelde seksualiteit, en creëerde aanzienlijk wat nieuwe werkgelegenheid in oorlogsindustrieën voor alleenstaande vrouwen, inclusief lesbiennes.

Als één van de belangrijkste administratieve centra van het oorlogse Pacific theater van militaire acties, werd San Francisco een ware dumpplaats voor homo’s die op eerloze wijze uit hun militaire dienst ontzet werden. In het Treasure Island Naval Hospital in San Francisco Bay voerden medische en psychologische experts niet-consensuele tests uit op vele van deze mannen, in de hoop de “oorzaken en remedies” van homoseksualiteit te ontdekken.

Oog in oog met het vooruitzicht om met eerverlies naar huis te keren, of te blijven in wellicht de meest pittoreske stad van de Verenigde Staten, kozen veel homoseksuele veteranen uit Wereldoorlog I voor de laatste optie. In de laten jaren 1940, beschreef een roddelblad van San Francisco deze demografische trend met de schokkende krantenkop, “Homos Invade S.F.!” (Homo’s dringen San Francisco binnen!).

De Homophile Movement en de alternatieve cultuur in de jaren 1950

In de jaren 1950 werd San Francisco de thuisstad van de eerste nationale organisaties voor holebiseksuele rechten, alsook van een oprijzende alternatieve cultuur die seksuele diversiteit zegevierde. “The Mattachine Society”, een mannenorganisatie die opgericht werd door de homoseksuele communist Harry Hay in Los Angeles in 1950, verplaatste haar nationaal hoofdkwartier naar San Francisco tussen 1954 en 1957, nadat politiek gematigde en conservatieve elementen in de organisatie in de clinch lagen met haar radicale stichters.

Tezelfdertijd richtten Del Martin en Phyllis Lyon in 1955 “The Daughters of Bilitise” op, een nationale organisatie voor lesbiennes vrouwen. De oprichting van de andere holebiseksuele groeperingen, zoals “The Society for Individual Rights en the Council on Religion and the Homosexual” maakten San Francisco in de jaren 1960 tot het centrum van georganiseerd holebiseksueel politiek leven in de Verenigde Staten. Een politierazzia in 1965 van een geldinzamelingsbal voor het CRH gesteund door de liberale clerus van San Francisco, zorgde voor heel wat negatieve publiciteit voor de politie, maar zorgde er mede voor dat de holebiseksuele rechten een plaatsje kregen op de progressieve politieke agenda van San Francisco.

In het verlengde van deze nooit eerder gekende groei van organisaties, hielp San Francisco’s langgevestigde reputatie als toevluchtsoord voor radicalen, zonderlingen en dromers een nieuwe alternatieve ‘beatnik’ cultuur in de jaren 1950 – deze werd algemeen bekend via panseksuele literaire figuren zoals Allen Ginsberg en Jack Kerouac – staande te houden.

Het begin van politiek activisme

Het onconventionele milieu van het Black Cat Café bracht één van de meest invloedrijke samensmeltingen van alternatieve culturele stijl met politek activisme voort, nl in de persoon van José Sarria, een Mexicaans-Amerikaanse transvestiet die er opdiende en erg populaire zondagnamiddagse “opera’s” met politieke en sociale satire opvoerde.

Toen de eigenaar van de Black Cat, Sol Stoumen, in de vroege jaren 1960 verwikkeld raakte in een geschil omwille van zijn steun aan holebiseksuele cafe-eigenaars die zich onlangs verzameld hadden om te protesteren tegen de politiepraktijken nl het vragen van steekpenningen als een voorwaarde om de zaken draaiende te mogen houden, sloot Sarria zich hierbij aan. In 1961 was Sarria openlijk homoseksueel kandidaat voor San Francisco’s Board of Supervisors (bestuur van stadssecretarissen), om zo de aandacht te kunnen vestigen op de pesterijen van de politie jegens holebivriendelijke etablissementen. Hij won de verkiezing niet, maar hij kreeg wel 5600 stemmen en maakte hiermee duidelijk dat homostemmen aangesproken konden worden voor electorale politiek.

Het “gayola” schandaal dat Sarria ertoe aanzette zich kandidaat te stellen voor een publiek ambt, zorgde er mede voor dat de eerste holebi-nieuwsbladen in de Verenigde staten – “Guy Strait´s League for Civil Education” en “Citizen’s News” – alsook de eerste vereniging voor homoseksuele zakeneigenaars – Tavern Guild – gelanceerd werden. Later richtte Sarria het “Imperial Court System” op – de op heden oudste homo-filantropische organisatie ter wereld – dat travestiete galabals organiseert om geld bijeen te rapen voor verschillende doeleinden. Transseksuelen begonnen zich ook te organiseren en vonden een politieke stem in San Francisco in de jaren 1960. Sinds de jaren 1950 trokken transseksuelen, die toegang zochten tot het verkrijgen van hormonen en geslachtsoperaties, naar de stad gezien de aanwezigheid daar van Dr. Harry Benjamin, werelds’ leidend medisch expert in transseksualiteit, die zijn praktijk had op het dure Union Square.

In augustus 1966, drie jaren voor de beter gekende opstand in New York’s Stonewall Inn, schopten transseksuelen uit het Tenderloin-district herrie in het populaire nachtrestaurant Compton’s Cafeteria als reactie tegen de politie-onderdrukking. Velen van de militante ritselaars en travestieten die betrokken waren in de relletjes, waren leden van de Vanguard, de eerst gekende homoseksuele jeugdorganisatie in de Verenigde Staten, die eerder dat jaar opgericht werd met de hulp van radicale ministers die samenwerkten met de Glide Memorial Methodist Church, een centrum voor progressief sociaal activsme in het Tenderloin-district.

In de nasleep van de rellen in Compton’s, werd er een netwerk van transseksuele, sociale, psychologische en medische ondersteuningsdiensten opgericht, dat zijn hoogtepunt bereikte in 1968 met de oprichting van de National Transsexual Counseling Unit, de eerste evenwaardig geleide ondersteunings- en verdedigingsorganisatie in de wereld.

De nieuwe stijl van holebibevrijdingspolitiek, die begon in San Francisco met de oprichting van de Vanguard en de rellen in Compton’s Cafeteria, won opnieuw aan stootkracht met de oprichting van de Committee for Homosexual Freedom in de lente van 1969 – een aantal maanden voor de Stonewall rellen – dat aanvankelijk weinig publieke aandacht kreeg in de media van San Francisco. Het CHF werd opgericht als reactie op het ontslag van een openlijk homoseksuele man die werkte bij een bedrijf van stoomschepen, en zorgde ervoor dat de nieuwe strategie van “coming out” (ervoor uitkomen) bekend werd als een middel om actie te voeren voor homorechten.

De nieuwe stijl van homobevrijding trok vooral de aandacht van de jeugdgeorienteerde, door rockmuziek gekenmerkte alternatieve cultuur dat wortels schoot in San Francisco’s Haight-Ashbury buurt, waar het heersende karakter van seksuele revolutie en “letting it all hang out” een geknipte omgeving creëerde voor vele babyboomer homo’s en lesbiennes.

“Gay Power” politiek

Tegen de herfst van 1969 hadden de New Left en activisten van studentenbewegingen “gay power” politiek in de Bay Area ingevoerd, maar deze door Stonewall geïnspireerde groep was niet erg voorspoedig. Een oproerig protest tijdens Halloween 1969 tegen het homofobische redactiebeleid van de San Francisco Examiner was één van de meest zichtbare betogingen van holebimacht.

Twee andere hoogtepunten waren het optreden van het Gay Liberation Fronts contingent ‘Holebiseksuelen tegen de Oorlog” tijdens een masaal protest in 1969 tegen de oorlog in Vietnam , en een “Gay-In” dat in 1970 georganiseerd werd in het Golden Gate Park.

Tegen het jaar 1971 was de gay power politiek in handen van Raymond Broshears, een controversieel maar energiek activist wiens Gay Activists Alliciance al haar kracht stopte in het voorzien van sociale diensten in de Tenderloin en Polk Street buurten. Onder Broshears’ stormachtig leiderschap, bevond San Franciscos’s GAA zich buiten de heersende plaatselijke holebipolitiek van de jaren 1970 en werd enkele jaren laten ontbonden.

Gay Pride

Gay pride in San Francisco

Gay pride in San Francisco

Zoals de sociologe Elizabeth Armstrong stelde, kenden de vroege jaren 1970 een verschuiving weg van zowel het homofiele activisme van de jaren 1950 en de vroege jaren 1960 als de meer strijdvaardige bevrijdingsbeweging die begon in San Francisco in 1966. Tegen het jaar 1973 lag de nadruk eerder op “gay pride” (homotrots) dan op “gay power” (homomacht), alsook eerder op culturele identiteit dan op politieke verbintenis met grotere sociale bewegingen.

Het resultaat was de ietwat paradoxale opkomst van belangrijke nieuwe holebiculturele instellingen zoals pride parades en filmfestivals, en de gelijktijdige proliferatie van kleinere belangengroepen die gericht waren op de belangen van een toenemend gefragmenteerde bevolking van seksuele minderheden. Afzonderlijke organisaties en instellingen ontwikkelden zich voor lesbische feministen, biseksuelen, transseksuelen, sadomasochisten, kleurlingen, en een ellenlange lijst van een toenemend aantal complexe en gespecializeerde identiteitsgemeenschappen. De Bay Area telde in 1970 ongeveer 50 organisaties ten voordele van de homoseksuele en lesbische gemeenschap, en bijna 300 organisaties rond 1980.

San Francisco’s gay pride parade begon in 1972, en is nu het grootste publieke holebi-event ter wereld, dat jaarlijks ongeveer een half miljoen mensen aantrekt. Het San Francisco International Lesbian and Gay Film Festival begon in 1977, en is nu het oudste en grootste event van dat soort in de wereld.

Andere gelijkaardige culturele instellingen of symbolen die in deze jaren de kop opstaken in San Francisco zijn o.a. een kapittel van de Metropolitan Community Church, de Gay Men’s Chorus, de Gay and Lesbian Marching Band, de Bay Area Reporter krant, en de regenboogvlag die wereldwijd erkend wordt als een symbool van holebiculturele identiteit. Slechts enkele van de vele gespecializeerde organisaties die opgericht zijn in San Francisco in de jaren 1970 zijn de S/M verdedigingsgroep Society of Janus, het Bisexual Center, en de Gay Latino Alliance.

Lesbische feministische organisaties en publicaties kenden geen opbloei in San Francisco in de jaren 1970, gedeeltelijk omwille van de hoge leef- en werkkost in de stad, in combinatie met de gevolgen van de seksistische tewerkstellingsdiscriminatie jegens vrouwen; de belangrijkste lesbische feministische organisaties en publicaties in de Bay Area bevonden zich in de omgeving van Berkeley, Oakland, San Jose en Santa Cruz.

Een opmerkelijke uitzondering op deze tendens vormde de opkomst van een gemeenschapsenclave van vrouwen langsheen Valencia Street in het Mission District van de stad. Met steun van baanbrekende organisaties zoals de boekenwinkel Old Wives’ Tales, het Artemis Café, en de San Francisco Women’s Building, kreeg een bloeiende vrouwengerichte buurt vorm, die tegen de jaren 1980 de seksshop Good Vibrations, Osento Bath House, de kantoren van het On Our Backs magazine en de lesbische eventkalender Coming Up!, en Amelia’s – één van de meest bekende en langst bestaande lesbische bars in de stad – omvatte.

Harvey Milk en homoseksuele buurten

Harvey Milk

Harvey Milk

Homopolitici behaalden opnieuw succes met de verkiezing van een openlijk homoseksuele man, Harvey Milk, in San Francisco’s Board of Supervisors in 1977. Milks electorale succes was vooral te wijten aan de overgang van over de hele stad verspreide verkiezingen naar verkiezingen per district, wat hem ertoe in staat bracht de dichte concentratie van homostemmen in de Castro buurt te benutten.

De Castro buurt was in de jaren 1970 voornamelijk een homobuurt, gevoed door de migratie van duizenden babyboomers naar San Francisco in de laten jaren 1960 en de vroege jaren 1970, maar het was in geen geval de enige homo-enclave.

De South of Market buurt was de thuisbasis van vele motorbars sinds het begin van de jaren 1960, en Polk Street vlakbij het Civic Center in de binnenstad was al bijna even lang de thuis van homoritselaars. Bourgeois lesbische residentiële buurten kregen ook vorm in de periferie van Castro nl. in Noe Valley en Bernal Heights.

Milk was ertoe in staat het nodig aantal homoseksuele en lesbische stemmers in zijn district te mobiliseren, om hem in het stadsbestuur te katapulteren. Zijn ambtstermijn als verkozen ambtenaar was geen lang leven beschoren. Na elf maanden mandaat, werden Milk en George Moscone – de burgemeester van San Francisco – vermoord op 27 november 1978, door voormalig stadssecretaris Dan White.

Wanneer White veroordeeld werd wegens doodslag eerder dan wegens moord, en hij een lichte straf kreeg, braken er rellen uit in het gemeentehuis in de nacht van 21 mei 1979. Als antwoord op de “White Night” rellen, organiseerden politieofficieren uit San Francisco een vergeldingsactie in de Castro, waar ze eigendommen vernielden en voorbijgangers op straat afranselden.

Verzet

Het geweld dat gepleegd werd tegen Harvey Milk maakte deel uit van een breder patroon van verzet tegen de homoburgerrechterlijke verworvenheden in de jaren 1970. In de late jaren 1970 waren er een aantal brandstichtingen in instellingen van holebigemeenschappen, alsook minstens één politiek gemotiveerde moord. Vier aanvallers sloegen Robert Hillsborough, een homoseksuele man, dood voor zijn huis in het Mission District, terwijl ze “Deze is voor Anita!” uitschreeuwden, waarbij ze verwezen naar de herboren christen en voormalig schoonheidskoningin Anita Bryant die op dat moment een campagne lopen had tegen een decreet voor holebirechten in Florida.

San Franciscanen speelden een leidende rol in de succesvolle poging om Florida sinaasappelsap te boycotten, waardoor Bryant haar job als woordvoerder bij Florida Citrus Growers’Association verloor. Ze speelden ook een belangrijke rol in de succesvolle campagne tegen Voorstel 6, het zogenaamde Briggs Initiative, dat homo’s en lesbiennes het recht ontnomen zou hebben om les te geven in de openbare scholen van California.

AIDS en de wederopstelling van politiek bewustzijn

De Aids Walk in San Francisco

De Aids Walk in San Francisco

Een artikel dat op 4 juli 1981 verscheen in het Morbidity and Mortality Weekly Report (Het wekelijks verslag van morbiditeit en mortaliteit) van het Center for Disease Control en dat de aandacht vestigde op ongewone clusters van Kaposi’s sarcoom en pneumocystis pneumonie bij homoseksuele mannen in San Francisco, Los Angeles, en New York, uitte het officiële bewustzijn van een epidemie die eerst bestempeld werd als GRID en later de naam AIDS kreeg. De homogemeenschap in San Francisco maakte deel uit van de hardst getroffen gemeenschappen in het vroege stadium van de epidemie, en speelde ook een leidende rol in het ontwikkelen van een antwoord op deze epidemie.

Het zogenaamde “San Francisco Model”, dat bestond uit inspanningen op het vlak van opvoeding en preventie, in combinatie met de publieke mobilisatie om op gemeenschap gebaseerde organisaties op te richten die tot doel hadden aan de noden van de volksgezondheid – die niet door de regering aangesproken werden – te voldoen, werd al snel aangenomen door gemeenschappen overal in de Verenigde Staten en wereldwijd. San Francisco bleef het centrum voor AIDS-onderzoek, en is de thuishaven van zowel de San Francisco AIDS Foundation als het Center for AIDS Prevention Studies aan de medische faculteit van de University of California-San Francisco.

De strijd tegen de AIDS-epidemie transformeerde de politiek van seksuele identeit in San Francisco, en overbrugde in beperkte mate sommige van de op identiteit gebaseerde verschillen die ontstonden in de jaren 1970. De epidemie bracht nieuwe vormen van activisme voort – vooral vertegenwoordigd door ACT UP, en later door Queer Nation and the Lesbian Avengers – doordat het een nieuwe onderzoek vereiste van de relatie tussen identeit en bredere sociale omstandigheden zoals racisme en armoede.

De wederopstelling van het politieke bewustzijn, in combinatie met een complexere zin voor identeit, was de inspiratie voor een nieuwe golf van activisme bij de post-baby boomers in de jaren 1990, wat bijdroeg tot de wederheropstelling van de gemeenschap in die zin dat het meer biseksuele en transseksuele mensen zou bevatten. Het Bay Area Bisexual Network, Transgender Nation, en de Intersex Society of North America dateren allemaal uit deze periode. Tegen het midden van de jaren 1990 was het de rigueur geworden om niet meer te spreken over een homo- en lesbische gemeenschap, maar eerder over een GLBT gemeenschap of zelfs een gemeenschap van mensen die “homoseksueel, lesbisch, biseksueel, transseksueel, interseksueel, exentriek, vragend en geallieerden” waren.

Culturele en politieke macht

Tegen het begin van de jaren 1990 was San Francisco’s holebigemeenschap, die volgens sommige schattingen zo’n 10 tot 15% van de hele stadbevolking omvatte, een groep met nooit eerder gekende politieke, economische en culturele invloed. Een indicatie van hoe goed de holebigemeesschap wel geïntegreerd was in het sociale web van de stad, was de opening in 1996 van de Hormel Gay and Lesbian Center in San Francisco’s New Main Public Library, het eerste dergelijke centrum in een openbare bibliotheek in de Verenigde Staten.

Het centrum, dat genoemd werd naar de filantroop James C. Hormel, geeft toegang tot een indrukwekkende collectie boeken en manuscripten over holebigeschiedenis en –cultuur. Naar schatting één derde van de Hormel-collectie is in bewaring van de GLBT Historical Society, wiens veel grotere verzameling o.a. series van meer dan 3000 periodieke publicaties omvat, verscheidene duizenden zeldzame boeken, 450 collecties van persoonlijke documenten en organisatorische stukken, honderden mondelinge verhalen, ongeveer 80.000 historische foto’s, honderdduizenden afgedrukte verzamelobjecten zoals posters, folders, brochures, en omslagen van lucifersboekjes, en een groeiende verzameling van kunstvoorwerpen, originele kunst, en textiel. De collecties van de GLBT Historical Society – dat ambitieuze plannen heeft om het eerste museum van holebigeschiedenis en -cultuur ter wereld te openen – komen op de tweede plaats maar zijn in omvang enkel kleiner dan die van het ONE Institute in Los Angeles.

De “lavendelgolf” in San Francisco’s stadsverkiezingen van 1990 bracht de lesbische Carole Migden en Roberta Achtenberg aan de macht in de Board of Supervisors (bestuur van stadssecretarissen), en de homoseksueel Tom Ammiano in de Board of Education (opvoedingscomité). Achtenberg evolueerde richting Washington waar ze een job kreeg in Clinton’s adminisratie, terwijl Migden het tot invloedrijk staatswetgever schopte, en Ammiano later voorzitter van de Board of Supervisors werd; in 1999 eindigde hij tweede in de herstemmingsverkiezing voor burgemeester.

Andere lesbische en homoseksuele stadssecretarissen in de jaren 1990 waren Leslie Katz, Bevan Dufty en Mark Leno, die van dan af op staatsniveau alsook nationaal bekendheid verwierf als progressief lid van de legislatuur in California. De aanwezigheid van openlijk homoseksuele en lesbische politici in het stadhuis en het statengebouw maakte het voor San Francisco mogelijk om mijlpaalwetgeving aan te nemen zoals voordelen voor huiselijke partners, bescherming van burgerrechten en medische voordelen voor transseksuelen.

De éénentwintigste eeuw: succes en nieuwe uitdagingen

Na bijna 10 jaar planning opende het San Francisco LGBT Community Center in San Francisco in 2002 haar deuren van een gebouw van zo’n 4.000 vierkante meter, het eerste LGBT centrum in het land dat volledig gebouwd werd.

Zoals andere niet commerciële organisaties die de holebigemeenschap in San Francisco dienen, kreeg ook het Center te maken met een moeilijke financiële realiteit. De nooit eerder gekende technologisch gedreven ecoonomische hausse van de late jaren 1990, gevolgd door het barsten van de “dot.com” bel in 2001, stuurde de hele nonprofit sector in de Bay Area grondig in de war, waarbij de rente eerst opgedreven werd met 200 tot 300 %, en vervolgens de publieke, oprichtings- en ondernemingssteun tot niets herleid werd.

Bovendien zorgden de fors stijgende woonkosten ervoor dat vele holebi’s geen deel meer konden uitmaken van de markt van San Francisco, waardoor deze naar steden met een lagere woonkost emigreerden, zoals Oakland, of zelf helemaal uit de regio wegtrokken. Het is niet mogelijk om op dit moment te voorspellen wat uiteindelijk de gevolgen zullen zijn van deze economische omstandigheden voor de lange en inspirerende holebigeschiedenis van San Francisco.

Die inspirerende geschiedenis bereikte alweer een mijlpaal op 12 februari 2004, toen, met de richtlijn van Burgemeester Gavin Newsom, San Francisco de eerste regeringsentiteit werd in de Verenigde Staten die huwelijkstoestemming verleende aan koppels van hetzelfde geslacht. Na één week , waarin bijna 3000 koppels van hetzelfde geslacht huwden, diende de stad San Francisco een klacht in tegen de staat van Californië, waarbij het verbieden van huwelijk tussen hetzelfde geslacht op grondwettelijke basis betwist werd.

Tags : ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

San Diego

san-diego-verenigde-statenHet is er warmer dan in San Francisco en het is kleiner dan Los Angeles. Voor vele holebi’s is San Diego een verrassende ontdekking. San Diego heeft alles wat andere holebi-mekka’s hebben, maar dan zonder veel verkeer, vervuiling of slecht weer. Het is een overzichtelijke stad, met mooie bezienswaardigheden en het meest perfecte weer van heel Amerika.

Toeristen komen hier voor wereldberoemde attracties zoals “Sea World” en de “San Diego Zoo”. Ben je al in een dolfinarium in Brugge geweest en denk je dat het er overal hetzelfde aan toegaat? Mis! Ben je al naar de zoo van Antwerpen geweest en denk je dat je daarmee alles het bezien? Opnieuw mis! “Sea World” en de “San Diego Zoo” hebben geen gelijken op deze planeet.

Als er een stad is die een “central park” heeft, dan is het San Diego. “Balboa Park” is het grootste stedelijke park in Amerika met niet minder dan 26 museums en theaters en de “San Diego Zoo”. Het “San Diego Museum of Art” en het “Timken Museum of Art” zijn vermaard omwille van hun Amerikaanse en Europese collecties. “The Spanish Village” is een verzameling van betegelde huisjes waar allerlei kunstenaars wonen en je kunt ze zien terwijl ze aan het werk zijn. “The Old Globe” is een beroemd theater. En dit alles is nog maar een begin! Er zijn nog een dozijn meer museums en verschillende plaatsen waar je terecht kunt in San Diego om te genieten van muziek en theater.

Coronado is een eiland net tegenover de haven en tevens de thuisbasis van de wereldberoemde “Hotel del Coronado” en één van de beste Amerikaanse stranden. Het “Gaslamp Quarter” trekt veel volk aan door de Europese architectuur, fantastische restaurants en winkels. “The San Diego Trolley” is een leuke manier om rond te toeren in het centrum van San Diego en om naar Tijuana (Mexico) te rijden. Jammer genoeg rijdt deze tram niet in Hillcrest, het holebi-centrum van San Diego, dus je huurt best een wagen (hoewel parkeren in Hillcrest een ware ramp is).

Het holebi-centrum van San Diego is ontzettend divers, met veel latino en militaire invloeden. San Diego bevindt zich om minder dan 45 kilometer van de grens met Mexico en er liggen twee grote militaire basissen in de nagijheid van de stad.

“Black’s Beach” is het grootste naaktstrand van Amerika en wordt graag bezocht door de holebi-gemeenschap van Zuid-Californië. Het meest homo-achtige stuk van dit strand ligt bij een enorm groot stalen anker, dat vaak geschilderd is in de kleuren van een regenboog.

Holebi-bars, restaurants en clubs in San Diego

Je eerste halte in San Diego zou “Top of the Park” moeten zijn, het happy hour van “Park Manor Hotel” aan “Balboa Park”. Elke vrijdag, van 17u00 tot 22u00 komt elke homo van San Diego naar het dakterras van dit hotel om er te keuvelen en te flirten. Het is een leuke plek om er kennis te maken met andere homo’s. De drankjes zijn er redelijk goedkoop maar wel sterk. Na deze kennismaking kun je naar “Bourbon Street”, een populaire holebi-bar in Hillcrest. De “Brass Rail” is de oudste homobar van de stad en nog steeds zit het er elke avond vol. “Numbers” is ook een populaire plek. Het “Bacchus House” werd al verschillende keren verkozen tot beste holebi-bar van San Diego, wat waarschijnlijk te danken is aan het funky Griekse Renaissance design. “Flicks” is dan weer populair omwille van de karaoke-wedstrijden op zondagen. “Number One Fifth Ave” heeft een zeer populair rokersterras (een zeldzaamheid in deze rookvrije stad) en een biljarttafel. “Kickers” is een country-western dansbar aan “Hamburger Mary’s” waar allerlei mannen komen. “The Flame UltraLounge” was oorspronkelijk enkel bedoeld voor lesbiennes, maar sinds kort fuiven homo’s er op vrijdagavonden. “Six Degrees” is dé populairste plek van lesbiennes. Leerfanaten kunnen terecht in de “ReBar” en in de “San Diego Eagle”.

san-diego-gayAls het over dansen gaat, dan moet je in San Diego kiezen tussen “Rich’s” en “Club Montage”. Het zijn beiden klassieke homodisco’s, met grote dansvloeren en wereldberoemde dj’s. Het enige verschil is dat “Club Montage” niet in “Hillcrest” ligt en daarom niet op wandelafstand is van homobars.

Je kunt lekker eten in San Diego. Om het op en top homo te houden kan je terecht in “Hamburger Mary’s”, waar je enorme margarita’s en hamburgers voorgeschoteld krijgt. Je kunt hier trouwens al de extra calorieën meteen kwijt in de aanpalende dancing. Aan de andere kant van het “Balboa Park” is er “The Big Kitchen”, de enige plek waar je kunt ontbijten in San Diego. Hier was Whoopi Goldberg ooit dienster. “Crest Café” in het midden van Hillcrest is ook geliefd bij homo’s en je kunt er typische Amerikaanse gerechten eten van 7 uur ’s morgens tot middernacht. Voor iets meer gekker kan je terecht in “Hash House A-Go-Go” voor eclectische maaltijden die op een verrassende manier worden opgediend. Ook populair bij homo’s is de “Parkhouse Eatery”.

Zit je in San Diego en wil je eens iets anders, ga dan eens een avondje naar Tijuana in Mexico. Je kunt er gemakkelijk naartoe met de tram. Eens aangekomen kan je naar “Bar Cagua Mamas”, een populaire homostek. Verder is er ook “Club Extasis”, een enorme homodisco die populair is bij Amerikaanse toeristen. Verder zijn er ook nog “Mike” en “Los Equipajes”, twee geliefde homobars.

Holebi-hotels in San Diego

San Diego heeft heel wat holebi-hotels. “Park Manor Suites” is hiervan het meest bekende, een karakterhotel aan de rand van “Balboa Park”. Verwacht je aan krakende vloeren, antiek en heel veel lispelende homojongetjes in de gangen. “The Hillcrest Inn” is op loopafstand van de meeste hmobars. “The Balboa Park Inn” is iets kleiner en intiemer.

Verder zijn er ook heel wat B&B’s. In Hillcrest is er het charmante “Kasa Korbett”. “The Harbor House Resort” is exclusief homo. Bij “Mike’s Place” kan je een huisje huren. “Casa Granada” heeft drie private suites, of je kunt er meteen het hele huis huren. “The Keating House” is een Victoriaans huis. Zit je echter liever dichtbij het strand, probeer dan de “Beach Place”, met een terras waar kledij niet verplicht is.

Holebi-evenementen in San Diego

De gaypride van San Diego gaat elk jaar door tijdens het laatste weekend van juli en trekt holebi’s aan uit heel Zuid-Californië. Vooral de “Zoo Party” is berucht want dan kleurt de wereldberoemde zoo roze door alle aanwezige homo’s. “Latin Pride” in het midden van oktober, trekt vooral homo-latino’s aan.

Tags : ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Provincetown

provincetownProvincetown is de plaats waar homo’s en lesbiennes ontsnappen aan de drukte van het stadsleven, waar ze kunnen genieten van een meer landelijke, koloniale levensstijl van de hogere klasse. Provincetown begon stilletjes aan steeds meer aan diversiteit te winnen in de vroege jaren 1900 toen artiesten er kwamen wonen, aan het einde van Cape Cod, ver van de censuurogen van de stad. De lijst bevat namen zoals Tennessee Williams, Jack Kerouac, Jackson Pollack en Eugene O’Neill.

Toen seksuele en politieke minderheden lucht kregen van de kleine commune begonnen zij er ook naar toe te trekken. En zo werd de oudste holebi-resort van Amerika geboren: Provincetown. In de zomer neemt het aantal inwoners toe met homo’s en lesbiennes die er zich ophouden in gasthuizen, kunstgaleries en op de stranden. In de winter overleeft het dorpje dankzij de permanente inwoners, waarvan het merendeel holebi is. In elk geval is er in Provincetown een groot verschil met andere holebi-trekpleisters. Het voelt hier aan alsof je honderd jaar in de tijd bent teruggekeerd, met ochtendwandelingen langs het strand, namiddagtheepartijtjes, en avonden in het theater. Je kunt net zo goed in het Salem of Plymouth van 1890, met als enig verschil dat holebi-zijn hier doodgewoon is. Misschien is het net dat wat ervoor zorgt dat er hier in de zomer een massa volk komt: je kunt er het holebileven op een zeer aparte manier beleven. Er zijn groet toeristische attracties aan de Cape en Provincetown is zeker geen fuifdorp. Je kiest er best voor een gasthuis om je daarna te vleien in de routine en het ritueel van het gracieuze leven in Provincetown. Dat betekent rustige maaltijden met nieuwe vrienden, winkelen en bezoekjes aan kunstgalerijen, ontspannen aan het strand of aan het zwembad van je gasthuis, namiddagcocktails en, als je er zin in hebt, wat geflirt tijdens de avondlijke theedanspartij.

“Herring Cove Beach” aan het westelijke einde van de stad, is het strand dat verkozen wordt door holebi’s. Van de parking, wandel dan naar het zand en draai naar links. Eerst zal je het stukje voor de lesbiennes bereiken en het homostrand vind je een halfuurtje verder. Velen denken dat je er naakt mag zonnen, maar soms krijgen mensen er een boete omdat ze geen kleren aanhebben. Er is echter een andere, snellere route om het holebi-strand te bereiken die de baas van je gasthuis graag zal uitleggen.

Provincetown bereiken is niet gemakkelijk. Je kunt direct naar de Cape vliegen met een klein vliegtuigje uit Boston of je kunt tijdens de zomer de ferry nemen. Je kunt er ook naartoe met de wagen, het ligt op ongeveer 2 uur rijden van Boston. Eens in Provincetown zal je merken dat een wagen eerder lastig is. Alles in Provincetown bevindt zich op wandelafstand, maar als je geen zin hebt in een wandeling, dan kan je nog steeds op de gele bus springen die in de zomer tot 1 uur ’s nachts rondrijdt. Vele mensen huren een fiets en in “P-Town Bikes” kan je kiezen uit een scala aan holebi-fietsen.

Holebi-bars, restaurants en clubs in Provincetown

provincetown-gayEr zijn niet veel bars of clubs in Provincetown, maar diegene die er wel zijn, worden druk bezocht. Maar net zoals alles in Provincetown, is er ook een routine wat betreft welke bars er gezocht worden en wanneer. Die routine kan veranderen, en je kunt best informeren in je gasthuis. Maar wat nooit verandert zijn de theepartijtjes in de namiddag in de “Boatslip Resort”. Daarna gaat iedereen naar de “Pied Bar” voor de afterparty. De dansvloer aan het water kan op het ene moment vibreren van de energieke dansen en veranderen in een rustige sociale plek.

Daarnaast kan je ook terecht in het kleine “Atlantic House”, waar er een kamer is voor de massa, een kamer voor de leerfanaten en een kamer waar je kunt dansen. “The Crown and Anchor” is een massief complex met onder meer “The Wave”, een videobar, “The Crown Cabaret”, met dragshows en de “Paramount club”, de grootste disco in Provincetown en “The Vault” een populaire ontmoetingsplaats voor leerliefhebbers.

Lesbiennes kunnen op vrijdag- en zaterdagavonden terecht in “The Pied”. Maar “The Pied” wordt op zondagavonden een pleisterplek voor homo’s. “Vixen” in de “Pilgrim House Inn” is een populaire lesbobar. “Club Purgatory” in het “Gifford House Inn” is de favoriete dansplek van de leerscène.

Dineren in Provincetown gaat van mosselen eten in een hutje tot restaurants van wereldklasse. In je gasthuis kan je terecht voor meer informatie over uit eten gaan en je kunt ook aan je gastheer/vrouw vragen om voor jou te reserveren. Iedereen in Provincetown kent elkaar en er staat je steeds een persoonlijke verwelkoming te wachten als de baas van je gasthuis voor jou heeft gereserveerd.

Enkele van de belangrijkste holebi-restaurants zijn “The Central House” in het complex van “The Crown and Anchor”. De menu bestaat uit snacks tot zalm met kruiden en kip met kaassaus. In het zelfde complex kan je in de “Crown Poolside Grill” terecht voor een goedkope lunch met zicht op zee. “Café Blasé” heeft een eclectische menu en een terras langs de straat. “Bubala’s” is dé plek om viste eten. In het “Commons Guest House” is er een bistro de populair is omwille van de pizza’s en de immense voorgerechten. Tijdens de zomer is het belangrijk dat je even vooraf reserveert in elk restaurant, maar zelfs in het meest chique restaurant kan je gewoon in binnen in stadskledij.

Holebi-hotels in Provincetown

Het is belangrijk dat je het juiste gasthuis kiest voor je verblijf in Provincetown. De meeste toeristen keren elk jaar terug naar hetzelfde gasthuis. Juli en augustus zijn de drukste maanden in Provincetown, en je boekt best ruime tijd op voorhand. Tijdens de winter dalen de prijzen bijna tot de helft in gasthuizen die open blijven, maar de meeste sluiten. Er zijn meer dan 50 kleine gasthuizen die zich toespitsen op holebi’s. Enkele daarvan zijn exclusief voor homo’s en hebben zwembaden waar een zwembroek niet verplicht is. En verschillende zijn exclusief voor lesbiennes.

Holebi-evenementen in Provincetown

Provincetown houdt ervan om elke dag van het jaar te vieren. Het evenement dat het dichtst in de buurt komt van een gaypride is “Carnival” dat doorgaat tijdens de derde week van augustus. “Women’s Week” is tijdens de tweede week van oktober. “Fantasia Flair” wordt tijdens de volgende week gehouden en spitst zich toe op transgenders en travestieten. Tijdens het eerste weekend van november is er “Men’s Weekend”.

Tags : ,
Geplaatst op 16 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.