Hoofdpersoon Jess groeit op in een fabrieksstad in de jaren vijftig. Al op jonge leeftijd is er verwarring, bij Jess zelf en bij de mensen om haar heen. Is het een meisje of een jongen? Als puber vindt ze haar weg naar de plaatselijke homo-bars, waar ze wordt opgenomen in een gemeenschap van prostituees, travestieten, butches en femmes. Hier beleeft Jess haar eerste romantische avonturen, die echter regelmatig worden verstoord door gewelddadige politie-invallen. In de politie-cel worden met name de travestieten en de butches (iedere vrouw die minder dan drie vrouwelijke kledingstukken draagt wordt hieronder gerekend) vernederd, verkracht en mishandeld. Dit weerhoudt geen van de butches ervan, de volgende week weer op de motor bij de bar te verschijnen.
“Ik zie Milli nog staan, die eerste keer: met haar handen in de zij nam ze me van top tot teen op alsof ik een slank verlengstuk van de motor was. Haar lichaamstaal, haar glanzende ogen en plagende glimlach smolten samen tot één uitdagende, erotische femme. Milli deed de eerste, onweerstaanbare stap door een wenkbrauw op te trekken. Ik werd verliefd op haar toen ze haar ene been over de motor zwaaide en achter me kwam zitten. Van toen af aan was ik haar butch en zij mijn femme.”
Vader en zoon
In de fabrieken waar Jess en de andere butches werken, worden ze geconfronteerd met pesterijen en discriminatie. Als het om acties en stakingen gaat, zijn de butches van harte welkom, maar bij de vakbondsvergaderingen worden ze door de mannen niet toegelaten.
Hoewel Jess het zwaar te verduren had in de jaren zestig in Amerika kende ze ook geluk. Als Jess als zestienjarige voor het eerst een homo-bar binnenloopt en door alle aanwezigen onmiddellijk wordt herkend als butch is één van de eerste dingen die tegen haar wordt gezegd dat ze beslist alleen de femmes ten dans mag vragen. Zo strikt waren de codes, toen en daar. Jess wordt door een oudere he-she in de butch/femme gemeenschap ingewijd. Zoals zee door de ervaren Butch Al en diens vriendin wordt ‘voorgelicht’. Een vader-en-zoon-scène kan niet ontbreken: “Op een avond aan de keukentafel haalde Al een kartonnen doos tevoorschijn en liet me hem openmaken. Er lag een rubberen dildo in. Ik was geschokt. ‘Weet je wat dat is?’ vroeg ze me. ‘Tuurlijk’, zei ik. ‘Weet je hoe je ermee moet omgaan?’ ‘Tuurlijk’, loog ik.”
Lees verder »