Nestle, Joan (1940)

joan-nestleDoorheen haar schrijven, onderwijzen, redigeren en activisme, heeft Joan Nestle haar leven toegewijd aan het bevorderen van het bewustzijn van de holebicultuur en het bevorderen van de holebigelijkheid. Ze is medeoprichter van de Lesbian Herstory Archives (archieven), één van de meest uitgebreide lesbische verzamelingen in de wereld. Haar literaire verwezenlijkingen hebben haar verscheidene bekroningen opgeleverd.

Vroege leven en opvoeding

Joan Nestle werd geboren na de dood van haar vader in New York City op 12 mei 1940. Haar moeder, Regina Nestle, had geen gemakkelijk leven aangezien ze vocht tegen haar alcoholverslaving en schulden. Nestles’ essay over haar moeder, Run, Regina, Run, in A Fragile Union: New and Selected Writings (1998) deinsde er niet voor terug haar moeilijkheden te beschrijven, maar wees ook op de positieve aspecten van haar leven — haar gevatheid, haar waardering van sensualiteit en haar liefde voor haar dochter.

Nadat ze afstudeerde aan de Martin Van Buren High School in Queens, New York, zette ze haar studies voort aan Queens College in Flushing, waar ze haar bachelor in Engels behaalde in 1963. Ze studeerde verder aan de New York University waar ze haar master behaalde in 1968, gevolgd door een doctoraat van twee jaar.

Nestle keerde terug naar Queens College om Engels en creatief schrijven te onderwijzen. Daar nam ze deel aan het open inschrijvingsprogramma SEEK voor minderheden en immigrante studenten. Het was een typische keuze voor Nestle, die de slachtoffers van discriminatie en marginalisering door de maatschappij steeds verdedigde.

Femme Lesbische identiteit

Nestle bevond zich zelf in een gemarginaliseerde positie toen ze “de cultureel gecontroleerde holebigemeenschap binnentrad in de jaren 1950” door vaak uit te gaan in lesbische bars in Greenwich Village. Omwille van de onderdrukkende wetten die toen van kracht waren, werden de uitbaters van deze bars vaak geconfronteerd met politierazzia’s en andere vormen van pesterijen. Nestles’ ervaringen hebben ertoe bijgedragen dat ze levenslang op zoek ging naar gerechtigheid, waardigheid en gelijkheid voor holebi’s.

In de context van lesbische bars begon Nestle ook zichzelf te herontdekken als een femme vrouw. Ze verklaart in haar essay The Femme Question in The Persistent Desire: A Femme-Butch Reader (1992) dat ‘telkens wanneer ik spreek op een bijeenkomst van lesbische feministen, introduceer ik mezelf als een femme die uitkwam in de jaren 1950. Ik doe dit omdat het de waarheid is en het me toelaat historische hulde te bewijzen aan mijn lesbische tijd en plaats’.

Nestle verwerpt de veronderstelling dat femmes in eender welk opzicht zwak of slachtoffers zouden zijn. In dezelfde essay beweert ze dat ‘butch-femme relaties, zoals ik ze ervaren heb, waren zeer complex erotische en sociale uitdrukkingen, geen onechte heteroseksuele reproducties. Ze waren vervuld van diepe lesbische houdingen, kledingstijl, gesticulatie, liefde, moed, en autonomie. In de jaren 1950 in het bijzonder, waren butch-femme koppels de frontlinie strijders tegen seksuele dweperij.

Wortels van activisme

Nestle heeft haar hele leven deel uitgemaakt van de frontlinie strijd tegen alle soorten fanatisme. Ze was actief in de burgerrechtenbeweging in de jaren 1960, waarbij ze afreisde naar het zuiden van Amerika om deel te nemen aan marsen en acties gericht op de inschrijving van kiezers.

Nestles’ Joodse erfenis heeft ook bijgedragen tot haar begrip voor marginalisering. Het voedde haar inzichten in de geschiedenis en verdiepte haar engagement om de vrijheid van alle mensen, namelijk om te kunnen genieten van hun leven zonder tussenkomst van overheden, te vrijwaren. Ze is op haar hoede voor de idee van biologisch determinisme, wat ze ‘ een zeer gevaarlijk argument’ noemt … ‘dat gebruikt werd om mensen hun menselijkheid te ontnemen’.

Nestles’ werk concentreerde zich vooral op holebirechten en –cultuur. In het spoor van de Stonewall opstand in 1969, sloot ze zich aan bij de Gay Alliance Union en lobbyde ze voor de rechten van holebionderwijzers, -studenten en -werkers.

Lesbian Herstory Archives (archieven)

In 1973 richtte een groepje vrouwen van de organisatie een lesbische bewustwordingsgroep op, waarvan één van de projecten bestond uit het verzamelen van publicaties en andere materialen die belang hadden voor de lesbische geschiedenis. De bronnen vormden later de Lesbian Herstory Archives (LHA), één van de meest kostbare lesbische verzamelingen wereldwijd.

In de eerste LHA nieuwsbrief in 1975 lanceerden Nestle en haar LHA medestichter, Deborah Edel, een oproep natiewijd om documenten en andere memorabele spullen te doneren. Er worden nog steeds bijdragen geschonken aan de archieven, die een indrukwekkend arsenaal aan publicaties, brieven, opnames en foto’s omvatten die het leven van Amerikaanse lesbiennes documenteren. Bovendien werden er vele andere spullen zoals kleding, buttons met slagzinnen, en andere bezittingen toegestuurd door lesbiennes als symbolen van hun cultuur.

De collectie werd aanvankelijk bewaard in een appartement in het Upper West Side Manhattan dat Nestle en Edel deelden. In 1976 stelden ze het open voor de gemeenschap zodat geïnteresseerden een kijkje konden komen nemen in de verzameling, of onderzoek konden verrichten.

De archieven werden uiteindelijk te uitgebreid om nog in het appartement tentoongesteld te kunnen worden. Na een inspanning van drie jaren om voldoende geld te verzamelen werd het LHA verplaatst naar een patriciërshuis met drie verdiepingen in het Park Slope gedeelte van Brooklyn, waar geleerden een mijn aan rijkdommen verder konden exploiteren.

Literaire carrière

Nestle begon haar carrière als schrijver in 1978, toen ze zeer ziek werd zonder dat men een diagnose kon stellen, zodat ze een jaar lang niet kon werken. Lesbische vriendinnen vormden een schrijversgroep om haar te steunen, en ze publiceerde haar eerste verhaal, Mara’s Room, dat deel werd van A Restricted Country (1987). Het boekdeel won de Gay/Lesbian Book Award van de American Library Association, de eerste van vele eerbewijzen die Nestle nog zou ontvangen voor haar schrijvers- en redactionele kwaliteiten.

Nestle beschreef Mara’s Room als een ‘uitdrukking van woede over wat er met mijn lichaam aan het gebeuren was’, waaraan ze toevoegde ‘ik maakte gebruik van de herinnering aan erotische momenten als een manier om mijn lichaam, dat mijn vijand was tijdens de hevige pijnen van de ziekte, terug te eisen’.

Nestle, die ervoor koos erotica, en in het bijzonder erotica die butch-femme relaties afbeeldde, te schrijven, belandde temidden van de lesbische seksoorlogen in de jaren 1970 en 1980. Nestle, tezamen met andere schrijvers zoals Jewelle Gomez, Pat Califia, en Dorothy Allison, maakte deel uit van het “pro seks” kamp (of de pornografen, zoals hun lasteraars hen omschreven). Hun leidende tegenstanders waren Catherine MacKinnon en Andrea Dworkin.

Adrienne Rich was een andere schrijfster die er een tegengestelde mening op nahield, en Nestle herinnert zich dat ze ‘vaak tegen elkaar opgezet werden’ tijdens conferenties in de jaren 1980. Nestle beschrijft haar ontmoetingen met Rich als ‘ontmoetingen die fluctueerden tussen grootmoedigheid en vervreemding’.

Gedurende vele jaren voerden de twee vrouwen zowel een publieke als een persoonlijke dialoog. Hoewel ze het oneens waren, verklaarde Nestle dat ze ‘diep onder de indruk was’ van Riches’ goede loyaliteit in het luisteren naar meningen tegengesteld aan die van haar. Nestle, die ook blijk gaf van een grootmoedige ingesteldheid, zei over Rich dat ondanks hun filosofische verschillen, ‘omwille van de risico’s die ze genomen heeft in een land van zogezegde vrijheid van meningsuiting, waar de minachting van de gevestigde orde het wezen van een schrijver kan verpletteren, zal ik haar altijd eren’.

Nestles’ schrijfwerk over lesbiennes omvat de Women on Women reeks (1990, 1992, en 1996), die ze mede uitgaf. De eerste hiervan won een Lambda Literary Award, zoals ook haar bloemlezing The Persistent Desire, en haar bundel lesbische studies A Fragile Union.

Hoewel veel van haar werk handelde over lesbische cultuur, omarmde ze ook de holebigemeenschap in haar geheel. Ze werkte samen met John Preston om Sister and Brother: Lesbians and Gay Men Write about Their Lives Together (1994) te herschrijven, tevens een Lambda Literary Award winnaar.

Nestles’ overdenking van seksualiteit leidde ertoe dat ze onderwerpen ging verkennen die te berde gebracht werden door transseksuele en transgenderbewegingen, die, zoals ze beweerde, de feitelijke termen ‘man’ en ‘vrouw’ in vraag stellen. In 2002 herschreef ze mede GENDERqUEER: Voices from beyond the Binary, waarvoor ze opnieuw een Lambda Literary Award toegekend kreeg.  De bloemlezing bespreekt het onderwerp van seksuele identiteit en, typerend voor Nestles’ projecten, omarmt de stemmen van diverse groepen van individuen. Nestle ziet het individu als een complex van identiteiten, ‘een geheel bestaande uit laagjes van persoonlijkheden’ die zich verbinden en zich ontvouwen tot de persoon die hij of zij daadwerkelijk is.

Nestles’ leven als schrijver en activiste is het onderwerp van Joyce Warshows’ documentaire uit 2002: Hand on the Pulse, dat verschillende prijzen gewonnen heeft op holebifilmfestivals.

Ziekte en transformatie

Nestle werd tweemaal gediagnosticeerd met kanker, een eerste maal in 1995 en een tweede maal in 2001, en ze werd twee keer geopereerd. Zoals ze bij het begin van haar loopbaan gedaan had, keerde ze zich ook ditmaal tot het schrijven als een manier om haar eigen lichaam terug te eisen. Over haar essay A Feeling Comes in A Fragile Union schreef criticus Jeannine DeLombard: ‘Nestle verkent de transformatie van haar ziekenbed in een verfomfaaid bed van plezier en vice versa, waarbij ze gebruik maakt van haar intimiteit met ziekte om de grenzen van erotica te verleggen en de relaties tussen plezier en pijn, liefde en verlies, lichaam en geest op een nieuwe manier te verstrengelen.

Na haar tweede chirurgische ingreep verhuisde ze naar Australië, waar ze haar partner, prof in rechten Diane Otto, vergezelde op de faculteit aan de Universiteit van Melbourne. Ze beweerde dat ze kracht en inspiratie haalde uit het aanwezig zijn achteraan in de klas, en het observeren van jonge mensen die tegelijkertijd de geschiedenis ontdekten alsook aan de toekomst bouwden.

Het leven in een ander land maakte Nestle sterk bewust van het gebrek aan holebirechten op het vlak van immigratiewetten.

Fragiele hoop

Nestles’ schrijfwerk omvat zowel intens persoonlijke ervaringen alsook de meer omvattende draagwijdte van geschiedenis en publieke debatten, waarbij de twee vaak verstrengeld raken. Na het eerste voorval van kanker schreef ze in A Fragile Union, ‘ik ervoer dit als een periode van grote passie in mijn leven, een tijd van toegenomen engagement in het smeden van een fragiel samenhorigheidsgevoel dat, het lichaam beamend, slechts een nacht kan duren, en indien van ingrijpender aard, mij op een meer dan ooit bescheiden manier in historische processen kan wegdragen’.

In dezelfde bundel geeft ze het volgende weer, ‘ik heb drie subliem mooie dingen in mijn leven meegemaakt, en elk daarvan werd als onaanvaardbaar geacht door grote delen van de maatschappij: de smaak en aanraking van vrouwelijke geliefden, het wonderbaarlijke gevoel deel uit te maken van een volk dat eraan werkt zichzelf te bevrijden, en, gedurende bijna dertig jaar, het vertrouwen en de aandacht van studenten die vele anderen niet wilden onderwijzen’. Ze beweerde verder nog, ‘op al deze plaatsen zag ik hoe fragiel de hoop was, en toch ook hoe volhardend het overleefde in de levens van hen die gefixeerd werden door de strakke blikken van de nationale macht’.

De hoop mag dan al fragiel zijn, maar doorheen haar dapperheid, openhartigheid, en grootmoedigheid heeft Nestle haar deel geleverd om deze hoop in de holebigemeenschap te versterken.

Vertel anderen over dit artikel :
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Google Bookmarks
  • Twitter
  • E-mail this story to a friend!
  • Netvibes
  • NuJIJ
  • Technorati

Geef jouw mening

Invulvelden met een (*) zijn verplicht in te vullen.