Condon, Bill (1955)

bill-condonBill Condon heeft veel kritische bijval gekregen voor het regisseren en het schrijven van de films “Gods and Monsters” (over de openlijk homoseksuele regisseur James Whale) en “Kinsey” (over het leven van de beroemde seksonderzoeker). Daarnaast schreef hij ook het script voor de Oscar-genomineerde musicalfilm “Chicago”.

William Condon werd geboren op 22 oktober 1955 in een Ierse katholieke familie in Queens, New York. Hij studeerde aan de Regis High School, een instituut van de Jezuïeten in Manhatten waar enkels jongens toegelaten waren. Bill vond de school “bevrijdend” omdat de priesters veel radicaler waren dan je zou denken, vooral dan in hun acties tegen de oorlog in Vietnam.

In zijn tweede jaar op school begon Bill zijn eerste ernstige relatie. Twee jaar lang had hij een liefdesverhouding met een jonge man die twee jaar ouder was dan hij. Uiteindelijk kwamen de ouders van Bill dit te weten, maar spraken er nooit over met hem.

Bill studeerde af in de filosofie aan de Columbia University in 1976. Hij verhuisde naar Los Angeles, waar hij wou gaan wonen en waar hij een filmopleiding wou volgen aan de UCLA.

Ondertussen begon Bill te werken als freelance-schrijver. Eén van zijn artikels in het filmtijdschrift “Millimeter” trok de aandacht van de Britse producent Michael Laughlin, die hem inhuurde om de scripts te schrijven voor twee horrorfilms. Het ging hier om “Strange Behavior” (uit 1981) en “Strange Invaders” (uit 1983), die beiden door Michael werden geregisseerd. Hoewel het verhaal uit “Strange Behavior” zich afspeelt in Illinois, werd de film opgenomen in Nieuw-Zeeland, waardoor alle Amerikanen die met de film te maken hadden een rolletje kregen in de film. Aldus maakte Bill zijn filmdebuut als het eerste slachtoffer van een gekke dokter. Sindsdien duikt Bill af en toe op in films.

Bill bleef in het horrorgenre werken door het script van het toneelstuk “The Louisiana Swamp Murders” te veranderen naar de film “Sister, Sister” (uit 1987). De film flopte, waardoor hij naar eigen zeggen in “de gevangenis van de filmregisseurs terecht kwam”, zoals het maken van televisiefilms.

Na vele pogingen kwam hij terug naar het witte doek met de film “Candyman: Farewell to the Flesh” (uit 1994). Deze film was gebaseerd op een kortverhaal door Clive Barker, die hij ontmoette tijdens de opnames ervan in New Orleans.

Het maken van “Candyman” was een keerpunt in de carrière van Bill. Hij leerde hoe onafhankelijke films gefinancierd werden en de contacten die hij legde hielpen hem op de filmrechten te verkrijgen op het boek “Father of Frankenstein” van Christopher Bram over regisseur James Whale. Clive Barker ging ermee akkoord om uitvoerend producent te zijn van de film die hieruit volgde: “Gods and Monsters” uit 1998.

Het project realiseren was een grote uitdaging. Bill was teleurgesteld dat, hoewel hij de voorname acteur Sir Ian McKellen had gestrikt voor de rol van James Whale, er weinig productiehuizen geïnteresseerd waren in een film met een homothema. Uiteindelijk kreeg hij 3 miljoen dollar budget van de kleine maatschappij “Lion´s Gate”, wat in Hollywood-maten een peulschil is. Bill slaagde erin om de film in vier weken op te nemen. Langer kon niet omdat Ian een contract had om te werken voor het National Theatre in Londen.

Ian, die toen 59 jaar was, was eerst weigerachtig om in de huid te kruipen van een zeventigjarige. Hij had nog maar pas een andere rol als oudere man gespeeld en was bang voor typecasting. Bill kon echter zijn angsten wegnemen door hem erop te wijzen dat hij ook James Whale zou spelen als veertigjarige. Nadat hij een foto had gezien van een veertigjarige James, vond Ian deze er wel knap uitzien, en ging hij akkoord met de rol.

Andere acteurs in de fim waar onder andere de bink Bredan Fraser, die ietwat misplaatst lijkt in de rol van de jonge tuinier van wie James Whale hoopt dat hij hem zal helpen bij zijn zelfmoord. Verder zien we ook nog Lolita Davidovich als vriendin van de tuinier en Lynn Redgrave als James´ toegewijde Hongaarse huishoudster die bang is dat haar “Mister Jimmy” in de hel zal belanden omdat hij homo is.

“Gods en Monsters” kreeg veel enthousiaste kritieken en won heel veel prijzen op filmfestivals. Toen de Oscars werden uitgedeeld, werd de film vergeten, maar Bill won wel een Oscar voor “Beste Script”.

Bill kreeg een tweede Oscar-nominatie voor het script dat hij maakte voor de filmversie van de musical “Chicago”. Rob Marshall regisseerde de film in 2002. “Chicago” werd bejubeld als de beste musicalfilm sinds jaren en is in feite het resultaat van de samenwerking tussen verschillende openlijk homoseksuele mannen, waaronder Bill Condon, Rob Marshall, de uitvoerende producenten Neil Meron en Craig Zadan. De film won een Oscar voor “Beste Film” en zorgde ervoor dat de interesse voor nieuwe musicalfilms groeide.

Een ander project van Bill Condon is “Kinsey” (uit 2004), een biografische film over de legendarische seksonderzoeker Alfred Kinsey. Bill schreef én regisseerde deze film. “Kinsey” bevat briljante vertolkingen van Liam Neeson als Kinsey en van Laura Linney als Kinsey´s vrouw Clara Bracken MacMillen. De film gaat over de tegenstellingen in het complexe karakter van de wetenschapper en we zien onder welke omstandigheden hij zijn baanbrekend onderzoek moest voeren.

Een cruciaal element in “Kinsey” is de seksuele relatie tussen de wetenschapper en zijn jongere medewerker Clyde Martin (Peter Sarsgaard) die op zijn beurt een relatie heeft met Kinsey´s vrouw. Toen hij begon met zijn film vertelde Bill Condon dat hij zich vragen stelde bij het begrip biseksualiteit. Tijdens het maken van de film begreep dat hij Kinsey inderdaad iemand was die op die schaal balanceerde. Daarbij verwees hij naar het maatstelsel dat Kinsey gebruikte om het menselijk seksueel gedrag te meten, waarbij 0 staat voor exclusief heteroseksueel en 6 exclusief homoseksueel.

In een interview zei Bill Condon nog dat hij het als homoseksuele filmmaker heel belangrijk vond dat “Kinsey” niet gezien werd als enkel een homofilm. Hij beweerde verder dat hij Kinsey zag als één van de vaders van de holebi-beweging. Omdat Kinsey niet geloofde in etiketten en omdat hij met iedereen praatte, wou Bill Condon niet dat dit de belangrijkste boodschap in de film werd.

Wat wel duidelijk naar voor komt in “Kinsey” zijn de ideeën dat de seksualiteit bij iedereen anders is, dat diversiteit belangrijk is en dat tolerantie tegenover seksuele verschillen enorm cruciaal is. Daarom is het passend dat een film, over een man die grensverleggend werk verrichtte bij het verzamelen van de seksuele verhalen van mensen, gestructureerd is als Kinsey´s eigen seksuele verhaal. Bovendien wordt in Kinsey´s seksuele verhaal niet met de vinger gewezen, net zoals Kinsey zelf dat ook nooit deed bij het presenteren van zijn verzameling verhalen.

Bill Condon zag een gelijkenis tussen Kinsey en James Whale, namelijk dat er een dieperliggende link was tussen hun persoonlijk leven en het werk waarmee ze beroemd werden. Bovendien voelde hij een zekere persoonlijke band met Kinsey: beiden waren opgegroeid in een Iers katholiek gezin en beiden hadden ze een vader waarmee nooit over seks gepraat kon worden.

Eén van de vele waarden van “Kinsey” is dat de film erkent dat de sekswetenschapper een enorme bijdrage heeft geleverd tot het doorbreken van de Amerikaanse tolerantie en stilte over seks, waaronder holebiseksualiteit en vrouwelijke seksualiteit in het algemeen. Men begon zich vragen te stellen of er wel kon worden beoordeeld in termen van normaliteit over seks en seksuele minderheden voelden zich beter omdat ze wisten dat ze niet alleen waren met dezelfde gevoelens.

Kinsey legde de waarheid bloot over de tegenstellingen tussen het echte Amerikaanse seksueel gedrag en de strikte sociale en wettelijke codes die dit gedrag probeerden te regelen. Er was duidelijk sprake van een Amerikaanse hypocrisie tegenover seks en door dit aan de kaak te stellen, bevrijdde hij heel veel personen uit de tirannie van wat “normaal” was. Kinsey´s rol van bevrijder wordt getoond in de film in een scène met de wetenschapper en een lesbienne (Lynn Redgrave), die hem bedankt omdat hij haar leven heeft verbeterd.

Toch moest Kinsey als bevrijder een zware tol betalen. In de film is duidelijk te zien dat na de publicatie van zijn bevindingen over seksueel gedrag, hij met de nek aangekeken werd door politieke en religieuze leiders. Hij kreeg zelfs doodsbedreigingen. Zelfs nu nog wordt hij door conservatieve religieuze en sociale groeperingen van allerlei zaken beschuldigd: zo zou hij mensen hebben aangezet tot pedofilie en tot misdadig gedrag in het algemeen. “Gelukkig” zorgde een homofobe campagne om de Kinsey-film te boycotten ervoor dat er nog meer mensen (uit nieuwsgierigheid) naar de film gingen kijken.

Sinds hij films heeft gemaakt over James Whale en Kinsey wordt Bill Condon soms omschreven als een homo-activist, een titel waarbij hij zichzelf niet echt gemakkelijk voelt: “Ik ben trots dat ik als voorvechter wordt beschouwd maar ik heb nog niet genoeg gedaan om die titel te verdienen”.

Vertel anderen over dit artikel :
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Google Bookmarks
  • Twitter
  • E-mail this story to a friend!
  • Netvibes
  • NuJIJ
  • Technorati
Geplaatst op 04 augustus 2009 - 0 reacties op dit artikel.

Tags :

Geef jouw mening

Invulvelden met een (*) zijn verplicht in te vullen.