Carpenter, Edward (1844-1929)

edward-carpenterEdward Carpenter (29 augustus 1844 – 28 juni 1929) was een Engelse dichter, filosoof, samensteller van bloemlezingen en een vroege homoactivist.

Als leidende figuur tijdens de late 19de en begin 20ste eeuw van Groot-Brittannië, had hij grote invloed op de ‘Fabian Society’ en de ‘Labour Party’. Als dichter en schrijver was hij bevriend met Walt Whitman en Rabindranath Tagore en correspondeerde hij met vele beroemde personen zoals Annie Besant, Isadora Duncan, Havelock Ellis, Roger Fry, Mahatma Gandhi, James Keir Hardie, J.K. Kenney, Jack London, George Merril, E.D. Morel, William Morris, E.R. Pease, John Ruskin en Olive Schreiner.
Als filosoof wordt hij vooral herinnerd voor de publicatie van zijn “Civilisation, Its Cause and Cure” waarin hij voorstelt dat beschaving een soort van ziekte is die door de mensen wordt doorgegeven. Beschavingen, schrijft hij, duren slechts zeldzaam meer dan duizend jaar voor ze in uiteenvallen en geen enkele maatschappij heeft ooit een succesvolle beschaving gekend. Zijn ‘behandeling’ hiervoor is een nauwere band met de natuur en een grotere ontwikkeling van ons eigen karakter. Hoewel hij hiervoor putte uit zijn eigen ervaringen met de Hindoe-mystiek, en het omschreef als ‘mystiek socialisme’, leunden zijn ideeën dicht aan bij deze van tijdsgenoten zoals Boris Sidis, Sigmund Freud en Wilfred Trotter, die allen erkenden dat als de maatschappij steeds meer druk legt op het individu, dit kan zorgen voor mentale en fysieke ziektes.
Carpenter was een hevige voorvechter van seksuele vrijheid, leefde in een homogemeenschap in Sheffield en had een grote invloed op zowel D.H. Lawrence als E.M. Forster.

Jeugd
Carpenter werd geboren in Hove, nabij Brighton en ging naar het ‘Brighton College’. Toen hij tien was, begon hij een voorliefde voor de piano te ontwikkelen. Tijdens zijn schoolgaande jeugd ging hij tijdens zijn vrije tijd paardrijden of wandelen. Dit eenvoudige leven zorgde ervoor dat hij zijn hele leven lang een liefhebber van de natuur zou zijn. Zijn academisch talent bloeide maar laat op tijdens zijn jeugd maar was voldoende om hem een plaats te garanderen op ‘Trinity Hall’ in Cambridge. Daar begon hij met zijn gevoelens voor andere mannen te experimenteren. Een voorbeeld hiervan is zijn nauwe vriendschap met Edward Anthony Beck, met wie hij een echte “romance” beleefde. Toen Beck uiteindelijk hun vriendschap beëindigde, bezorgde dit Carpenter veel liefdesverdriet. Het feit dat Beck hem verwierp, zorgde ervoor dat hij zich ongemakkelijk voelde bij zijn eigen homoseksualiteit. Dit zou de reden zijn waarom hij manhoeren ging opzoeken in Parijs. Uiteindelijk studeerde hij af in 1868. Na de universiteit ging hij bij de ‘Church of England’ als curator. Hij werd zwaar beïnvloed door de voorganger van zijn kerk, Frederick Denison Maurice, die de leider was van de ‘Christian Socialist’-beweging.

Tijdens de volgende jaren voelde Carpenter steeds meer ontevredenheid over zijn leven in de kerk en aan de universiteit en vond hij de Victoriaanse maatschappij steeds meer hypocriet. Hij vond rust in gedichten en merkte later op dat zijn ontdekking van de werken van de homoseksuele, politiek-radicale Walt Whitman, een “grondige verandering” bij hem teweeg bracht. Door Whitman te lezen, zag hij af van een comfortabel leven in de kerk en besloot hij om les te geven aan arbeiders.

Verhuis naar het noorden van Engeland
Carpenter verliet de kerk in 1874 en werd een lector in astronomie, zonneaanbidding, het leven van Griekse vrouwen uit de oudheid en in muziek. Hij verhuisde naar Leeds als lid van de ‘University Extension Movement’, die in het leven was geroepen door academici die meer onderwijs naar de afgelegen gebieden van Engeland wilden brengen. Hij had gehoopt te kunnen lesgeven aan arbeiders, maar zag dat zijn lessen vooral bijgewoond werden door mensen uit de middenklasse, waarvan er weinig interesse hadden in de zaken die hij onderwees. Teleurgesteld verhuisde hij naar Chesterfield, maar omdat hij dit dorp saai vond, verhuisde hij een jaar later naar Cheffield. Daar kwam hij eindelijk in contact met arbeiders en begon hij poëzie te schrijven. Ondanks zijn duidelijke voorliefde voor arbeiders, werd hij gevraagd om leraar te worden van de toekomstige George V. Hij wees dit voorstel vriendelijk af.

In Sheffield werd Carpenter steeds meer radicaal. Onder invloed van Henry Hyndman sloot hij zich aan bij de ‘Social Democratic Federation’ (SDF) in 1883 en trachtte hij een tak van deze organisatie uit te bouwen in zijn stad. Uiteindelijk besloot zijn tak om onafhankelijk te worden onder de naam ‘Sheffield Socialist Society’. Carpenter werkte mee aan een aantal projecten zoals het verbeteren van de levensomstandigheden van arbeiders. In mei 1889 schreef hij in een stuk in de ‘Sheffield Independent’ dat Sheffield de risee was van de beschaafde wereld en dat de grote wolk smog boven Sheffield de voorbode was van de rook van de dag des oordeels en dat de stad het altaar was waarop velen zouden geofferd worden. Hij schreef dat honderdduizenden volwassenen en kinderen het moeilijk hadden om zonlicht en frisse lucht te vinden en miserabele levens leidden omdat ze niet konden ademen. Ook in Sheffield schreef hij “England Arise!”, een socialistisch protestlied. In 1884 verliet Carpenter het SDF, samen met William Morris, en sloot hij zich aan bij de ‘Socialist League’.

Omdat hij dichter bij de natuur wou zijn, trok Carpenter in bij de boer Albert Fearnehough en zijn gezin in Bradway, Derbyshire. Daar begon hij zijn politieke inzichten te verfijnen. Beïnvloed door John Ruskin, zag hij een toekomst, gebaseerd op het communisme, die de industrialisatie van de Victorianen verwierp. In deze utopische gemeenschap zag hij dat “gemeenschappelijke steun spontaan en instinctief zou zijn”. Toen zijn vader Charles Carpenter in 1882 overleed, liet hij zijn zoon een aanzienlijke erfenis na. Dit zorgde ervoor dat Carpenter zijn baan als lesgever kop opzeggen en koos hij om te leven als boer in Millthorpe, bij Barlow. Tegen die tijd had hij zijn seksuele geaardheid volledig aanvaard en begon zijn periode van artistieke creativiteit. In zijn tuinhuisje schreef hij gedichten (later gebundeld in “Towards Democracy”) die hevig waren beïnvloed door de oosterse spiritualiteit en door de teksten van Walt Whitman.

Tijdens 1886 kreeg Carpenter een korte relatie met George Hukin. Ondanks het daaropvolgende huwelijk van Hukin, die voor een breuk tussen hen zorgde, sloten de twee mannen uiteindelijk een nauwe en levenslange vriendschap.

In de jaren 1880 ontwikkelde Carpenter een intellectuele passie voor de Hindoe-mystiek en de Indiaanse filosofie. In die periode kreeg Carpenter een paar sandalen van een vriend in India. “Ik vond ze al snel leuk om te dragen”, schreef Carpenter. “En na een tijdje begon ik mijn sandalen zelf te maken”. Dit was de eerste succesvolle introductie van sandalen in Groot-Brittannië. In 1890 reisde hij naar Ceylon en India waar hij tijd doorbracht met de Hindoe-leraar Gnana, waarover hij schrijft in “Adam’s Peak to Elephanta”. Deze ervaring had een groot effect op zijn sociale en politieke gedrag. Carpenter begon te geloven dat het socialisme niet alleen over de economische toestand van de mens moest gaan maar ook een verandering in het menselijke bewustzijn moest teweegbrengen.

George Merrill
Na zijn terugkeer uit India in 1891 ontmoette Carpenter George Merrill, een arbeider uit Sheffield. De twee mannen begonnen een relatie met elkaar en gingen uiteindelijk samenwonen in 1898. Merrill was opgegroeid in de krottenwijken van Sheffield en was niet naar school gegaan. Hun relatie bleef duren en ze bleven de rest van hun leven samen, een buitengewoon feit door alle hysterie die was ontstaan over homoseksualiteit dankzij de rechtszaak tegen Oscar Wilde in 1895. Hun relatie weerspiegelde op vele manieren de overtuiging van Carpenter dat homoseksuele liefde de kracht had om de grenzen tussen de verschillende bevolkingsklassen te doorbreken. Hij geloofde dat in de toekomst homo’s de oorzaak zouden zijn van een radicale sociale verandering van de maatschappij. Deze overtuigingen zijn te lezen in zijn werk “The Intermediate Sex”.

Ondanks hun onorthodoxe leefomstandigheden slaagden Carpenter en Merrill er in om schandalen en arrestaties te vermijden in hun vijandige sociale klimaat. Dit kwam mede doordat ze in Millthorpe van een zekere vorm van privacy konden genieten en dankzij de literaire diplomatie van Carpenter. In zijn werken schreef Carpenter bitter weinig over de fysieke kant van homorelaties en benadrukte hij de emotionele kant. Hij greep terug naar Plato’s geïdealiseerde beeld van homoliefde die populair was bij Victoriaanse homo’s , de allerlei allusies op ‘Griekse liefde’ gebruikten om het over hun seksuele geaardheid te hebben. Omdat ze niet veel contact hadden met de maatschappij, kon Carpenter zich verdiepen in naturisme en begon hij een nieuwe filosofie die voorschreef dat de mens behoefte had aan een radicale simplificatie van het leven, met de nadruk op frisse lucht, luchtige kledij en een gezond dieet gebaseerd op “fruit, noten, graan, eieren, enz… en zuivelproducten.

Door de afgelegen ligging van Millthorpe werd het een belangrijke plek voor socialisten, humanisten, intellectuelen en schrijvers van Groot-Brittannië en daarbuiten. Onder zijn vrienden mocht Carpenter de geleerde, auteur, naturalist en stichter van de ‘Humanitarian League’, Henry S. Salte en zijn vrouw Catherine rekenen, samen met de criticus, schrijver en seksuoloog Havelock Ellis en zijn vrouw Edith, acteur en producer Ben Iden Payne, Labour-activisten John Bruce en Katharine Glasier, schijver en geleerde Joh Addington Symonds en de schrijfster en feministe Olive Schreiner. E.M. Forster was ook goed bevriend en kwam Carpenter en zijn vriend bezoeken in Millthorpe in 1912. Zij leverden hem de inspiratie voor zijn homoroman “Maurice”.

Politiek
In de jaren 1890 schreef Carpenter zijn beste politieke werken in een poging om te protesteren tegen discriminatie op grond van seksuele geaardheid. Hij was er heilig van overtuigd dat homoliefde een natuurlijk verschijnsel was voor mensen van de derde sekse. Zijn boek uit 1908 “The Intermediate Sex” werd een fundamentele tekst voor holebi-bewegingen in de 20ste eeuw. Het blijft een vraagteken waarom Carpenter zich geroepen voelde om zo’n onpopulair en zelfs gevaarlijk thema in zo’n vijandige tijden te schrijven. Eén theorie is dat Carpenter zich daartie moreel verplicht voelde na de dood van de homoseksuele geleerde Joh Addington Symonds. In de jaren 1880 had Symonds een aantal werken gemaakt ter verdediging van de homoseksuele geaardheid. Deze werken werden verdeeld onder een kleine groep mensen, waaronder Carpenter. Na de dood van Symonds in 1893 vond Carpenter dat het nu zijn taak was om over het thema te schrijven. Hij was vooral geïnteresseerd in het geven van seksuele informatie aan jongeren en hij was een goede vriend van de sociale hervormer John Haden Badley. Hij ging ook vaak op bezoek naar de ‘Bedales School’ waar zijn neefje Alfred Francis Blakeney Carpenter een student was.

Seksuele opvoeding was voor Carpenter ook bedoeld als een duidelijke analyse over de manieren waarop seks en geslacht werden gebruikt om vrouwen te onderdrukken, zoals beschrven in zijn werk “Love’s Coming-of-Age”. Daarin beweert hij dat een maatschappij de seksualiteit en de economische vrijheid van vrouwen moet promoten. Hij viel ook het huwelijk aan. Volgens hem was het huwelijk in Groot-Brittannië een soort van gedwongen celibaat en legale vorm van prostitutie. Volgens Carpenter zouden vrouwen pas vrij zijn als er sprake was van een socialistische maatschappij. Maar in tegenstelling tot vele van zijn tijdgenoten concludeerde hij dat alle onderdrukte arbeiders de emancipatie van vrouwen moesten steunen in plaats van de vrouwenrechten aan te passen aan de rechten van mannelijke arbeiders.

Latere politiek activisme
De laatste twintig jaren van het leven van Carpenter waren gevuld met radicale politiek. Hij bleef zich inzetten voor vooruitstrevende thema’s zoals milieubescherming, dierenrechten, seksuele vrijheid, de vrouwenbeweging en vegetarisme. Hij schreef over zijn afkeer van het kapitalistische systeem, over de uitbuiting door de aristocratie en over zijn visie van het socialisme; een nieuw tijdperk van democratie, kameraadschap, samenwerking en seksuele vrijheid. Hij steunde Fred Charles van de ‘Walsall Anarchists’ in 1892. Het volgende jaar werkte hij mee aan de oprichting van de ‘Independent Labour Party’, samen met o.a. George Bernard Shaw. Veel zaken waarin Carpenter rotsvast geloofde werden verworpen en zelfs belachelijk gemaakt, voor door Links. Carpenter bleef er rustig onder.

Tijdens de eerste jaren van de 20ste eeuw bleef hij zich ook inzetten voor holebi’s. De publicatie in 1902 van zijn grensverleggende verzameling van gedichten “Ioläus: An Anthology of Friendship” was een enorm succes en zorgde voor meer kennis over de homo-erotische cultuur. In april 1914 stichtten Carpenter en zijn vriend Laurence Housemande de ‘British Society for the Study of Sex Psychology’. Enkele thema’s die werden bestudeerd waren: de promotie van de wetenschappelijke studie van seks, een meer rationele houding tegenover seksuele gedragingen en problemen, geboortecontrole, abortus, sterilisatie, soa’s en prostitutie. In die tijd gaf hij ook voordrachten aan de ‘Independent Labour Party’ en aan de ‘Fellowship of the New Life’, waaruit later de ‘Fabian Society’ groeide.
De dood van Merril en de laatste jaren van Carpenter.
Na de Eerste Wereldoorlog verhuisde Carpenter naar Guildford, Surrey, met George Merril. In juni 1928 overleed Merril plotseling en liet hij Carpenter verweesd achter.
In mei 1928 kreeg Carpenter een beroerte waardoor hij voor alles hulp nodig had. Hij leefde nog dertien maanden voor hij overleed op 28 juni 1929.

Invloed
Carpenter werd begraven op ‘Mount Cemetery’ in Guildford. Rond de tijd van zijn dood was hij al grotendeels vergeten maar zijn boeken waren te vinden in vele bibliotheken. Deze leverden inspiratie bij holebi’s en gaf hen ook soelaas. Eén van de mensen was de Amerikaanse homorechtenactivist en communist Harry Hay. Hij werd zo geïnspireerd door het werk van Carpenter dat hij de ‘Mattachine Society’ oprichtte die zich inzette voor meer homorechten in Amerika. In Groot-Brittannië werden de woorden van Carpenter vaak herhaald door homorechtenactivisten.

Ansel Adams was een bewonderaar van de werken van Carpenter, vooral zijn “Towards Democracy’”

Vertel anderen over dit artikel :
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Google Bookmarks
  • Twitter
  • E-mail this story to a friend!
  • Netvibes
  • NuJIJ
  • Technorati

Geef jouw mening

Invulvelden met een (*) zijn verplicht in te vullen.