Barrowman, John (b. 1967)

john-barrowmanSuccesvol acteur en zanger John Barrowman heeft heel wat toejuiching gekregen voor zijn acteerwerk in muziektheater alsook voor de rollen die hij vertolkt heeft in films en op televisie. Hij is vooral gekend voor zijn uiterst talentvolle vertolkingen van de werken van Cole Porter, Andrew Lloyd Webber and Stephen Sondheim.

Barrowman, die woonde in Glasgow, Schotland, werd geboren op 11 maart 1967. Hij bracht het grootste deel van zijn jeugd door in Aurora, Illinois nadat zijn vader, die werknemer was bij het constructiebedrijf Caterpillar, overgezet werd naar de VS.

Barrowman raakte voor het eerst in de ban van theater toen hij in Glasgow als klein kind “Peter Pan” zag (boek door James M. Barrie, muziek door Moose Charlap en Jule Styne, teksten door Carolyn Leigh, Betty Comden, en Adolph Green). Zijn eerste acteerervaring kwam er dankzij een stuk dat opgevoerd werd in de middelbare school, maar hij was van plan om een lerarenopleiding te gaan volgen. Nog voor hij met zijn studies aan de unief begon, was hij aanwezig bij een productie van Michael Bennetts’ “Dreamgirls” (boek en teksten door Tom Eyen, muziek door Henry Krieger) samen met zijn moeder, die achteraf zei dat ze ervan overtuigd was dat een theatercarrière datgene was wat hij echt wou. Barrowman gaf toe dat het inderdaad zo was, en de teerling was geworpen.

Hij schreef zich in voor een opleiding muziektheater aan de “United States International University” in San Diego, California. Tijdens de zomers na zijn eerste en tweede jaar aan de universiteit, zong en acteerde hij in shows in het pretpark “Opryland USA” in Nashville.

In 1989 vertrok hij in het kader van zijn studies naar Londen om opgeleid te worden in de werken van Shakespeare, maar toen hij een rol won in een West End productie van Cole Porters’ “Anything Goes” (boek door Guy Bolton, P.G. Wodehouse en Russel Crouse) met als tegenspeelster Elaine Paige, kwam zijn carrière echt op gang.

Barrowman bleef in Engeland waar hij optrad in vele musicals, zoals the Londense producties van Claude-Michel Schönberg en Alain Boublils’ “Miss Saigon” (boek door Schönberg en Boublil, muziek door Schönberg, tekst door Boublil en Richard Maltby, Jr.), Andrew Lloyd Webbers’ “Phantom of the Opera” (boek en teksten door Richard Stilgoe en Andrew Hart, muziek door Lloyd Webber), de heropvoering naar aanleiding van het 25-jarig bestaan van Galt MacDermots’ “Hair” (boek en teksten door Gerome Ragni en James Rado, muziek door MacDermot), Lloyd Webbers’ “Sunset Boulevard” (boek en teksten door Don Black en Christopher Hampton, muziek door Lloyd Webber), en de heropvoering uit 2004 van John Kander en Fred Ebbs’ “Chicago” (boek door Ebb en Bob Fosse, teksten door Ebb, muziek door Kander). Hij verscheen ook in een Oslo productie van Lloyd Webers’ “Evita” (boek en teksten door Tim Rice, muziek door Lloyd Webber).

Ook al werd hij als acteur een gevestigde waarde in de West End producties, toch werkte hij nog mee aan twee BBC-televisieprogramma’s, “Live & Kicking” en “Electric Circus”. Hij presenteerde ook “The Movie Game” en een tv magazine, “5’s Company”, op de Britse televisie.

Producers van CBS-televisie die Barrowman bezig zagen in de Londense productie van “Sunset Boulevard” lokten de knappe jonge acteur in 1995 terug naar de Verenigde Staten om te verschijnen in een serie genaamd “Central Park West”, die al snel geannuleerd werd. Terwijl Barrowman in New York was om een film te draaien, maakte hij echter zijn Broadway debuut in “Sunset Boulevard”.

Barrowman trad op in een andere Amerikaanse televisieshow, “Titans”, een melodramatische serie met hoge kijkcijfers die echter enkel een korte zendtijd kende in 2000.

Hij concentreerde zich op zijn toneelwerk zowel in Groot-Brittannië als in de Verenigde Staten, en dit met succes. Hij werd genomineerd voor een Laurence Olivier-award voor Beste Acteur voor zijn optreden in “The Fix” (boek en tekst door John Dempsey, muziek door Dana P. Rowe) in 1997, en won een “Backstage West Garland Award” in 1998 voor zijn werk in de LA productie van Stephen Sondheims’ revue “Putting It Together”.

Hij scoorde ook een hit in Trevor Nunns’ 2002-2003 heropvoering van “Anything Goes” in het Nationaal Theater, waar hij de rol van Billy Crocker herhaalde waarmee hij zijn West End debuut maakte in 1989. Nunn regisseerde ook het Shakespeariaans debuut van Barrowman als Dumaine in “Love’s Labor’s Lost”, dat in het repertoiretheater speelde met “Anything Goes”.

Barrowman trad ook op ter gelegenheid van verscheidene concerten en revues, alsook tijdens entertainmentavonden. Hij is vooral bekend voor zijn vertolkingen van Sondheim. Hij schitterde niet enkel aan de zijde van Carol Burnett en Bronson Pinchot in de LA en Broadway producties van “Putting it Together”, maar hij nam ook deel aan de Sondheim festiviteiten in 2002 in zowel het Lincoln Center in NY alsook het Kennedy Center in Washington D.C.  Hij vertolkte de hoofdrol in de Kennedy Center productie van Sondheims’ “Company”, en gaf ook een gedenkwaardig concert in het Kennedy Centers’ “Millennium Stage”. Hij nam ook deel aan een erg gewaardeerde concertversie van William Finn’s liedcyclus “Elegies” in Londen in 2004.

Hoewel Barrowmans’ liedjes opgenomen werden in vele cast albums en compilatieopnames, lanceerde hij zijn solocarrière in 1998 met een mini-cd, “John Barrowman: Aspects of Andrew Lloyd Webber”. Zijn eerste volwaardig album, “John Barrowman: Reflections from Broadway (2000)” is een verzameling van liedjes waarmee hij optrad in televisieshows.

Op zijn volgende album, “John Barrowman Swings Cole Porter (2004)”, bracht hij een voltooide en genuanceerde vertolking van Porters’ muziekstukken tot stand. Barrowman was onder de indruk van de scherpheid waarmee Porter in zijn songs schreef over zijn liefde voor andere mannen, en zijn vertolkingen hiervan gebeuren met grote gevoeligheid en verbeelding.

Porters’ album verscheen tezelfdertijd als Barrowmans’ optreden in Irwin Winklers’ filmbiografie over Porter genaamd “De-Lovely”. Hierin vertolkte Barrowman de rol van één van de geliefden van de componist, en zong “Night and Day” met Kevin Kline, die schitterde in de rol van Porter.

Barrowmans’ cinemawerk omvat ook Susan Stromans’ film over “The Producers” van Mel Brooks (2005), waarin hij, met blauwe contactlenzen en een gebleekt blond kapsel, het nummer “Springtime voor Hitler” vertolkt.

Eén van Barrowmans’ recentere theaterrollen is die van het Beest in “Beauty and the Beast” (boek door Linda Wolverton, muziek door Alan Menken, tekst door Howard Ashman en Tim Rice). Hij becommentarieerde dat zijn rol “een aangrijpende gebeurtenis was omdat de kinderen erdoor geboeid waren” – een weerklank van de betovering die hij ervoer in zijn jonge jaren bij het zien van “Peter Pan”.

Barrowman, een talentvol schaatsrijder, was één van de tien bekendheden die in 2006 de uitdaging aanvaardde om deel te nemen aan een wedstrijd in het Britse ITV televisieprogramma, “Dancing on Ice”. Vergezeld door een professionele schaatspartner en gecoacht door het legendarische Olympische team van Jayne Torvill en Christopher Dean, verwachtte men goede resultaten van Barrowman en diens partner Olga Sharutenko. Ze werden in de competitie echter al vrij snel uitgeschakeld.

Barrowman kende een succesnummer op de Britse televisie in 2006 in “Torchwood”, een derivaat van de sciencefiction serie “Doctor Who”, waarin hij verscheen als Kapitein Jack Harkness, een tijdreiziger uit de 51ste eeuw die zich uitgaf als een RAF (Royal Air Force) piloot tijdens de London Blitz waar hij de andere personages ontmoette (ook tijdreizigers) die ook dezelfde tijdsperiode bezochten.

Over zijn personage zei Barrowman: “Jack is een beetje zoals een versierder. De schrijver, Russell T. Davies, grapte dat Jack met iedereen naar bed zou gaan. Hij maakte geen verschil tussen de Doctor of Rose – of buitenaardse wezens!”.

Barrowman is een hevig voorstander van organisaties die jonge mensen tot kunst aanzetten. Hij is lid van de “Duke of Edinburgh Awards Scheme” in het VK, en een drijvende kracht achter de “Dreamers Workshops” in de VS. Over de workshops zei Barrowman: “Via theatervaardigheden proberen we kinderen ook levensvaardigheden bij te brengen. Het helpt hen om gemotiveerd te zijn, alsook om andere culturen, rassen, geloofsovertuigingen of wat dan ook te aanvaarden”.

Barrowman is ook een krachtdadig voorstander van holebirechten. Hij zei dat hij realiseerde dat hij homoseksueel was toen hij acht of negen jaar oud was, maar dat hij pas uit de kast kwam ten opzichte van zijn ouders toen hij 22 jaar oud was. Zijn hele familie steunde hem ten volle, en Barrowman behield zeer nauwe banden met zijn ouders, zussen en broers, en diens kinderen.

In zijn show business carrière is Barrowman altijd heel eerlijk geweest over zijn seksualiteit. Zo zei hij in 2004 aan Gay Times interviewer Rupert Smith: “het idee bestaat dat een openlijk beleefde homoseksualiteit je kans op werk zou verminderen, maar ik besloot lang geleden dat ik niets te verbergen had. Als je over jezelf liegt, gaan mensen er alles aan doen om die leugen in een negatief daglicht te stellen. Als je eerlijk bent, is dit geen kwestie meer, en kan je gewoon verdergaan met je leven…. Wat het publiek betreft: zij zien me in verschillende rollen, soms heteroseksueel, soms homoseksueel. Ze kunnen hun eigen veronderstellingen maken”.

Ironisch genoeg verloor hij een begeerde televisierol omdat hij als “te heteroseksueel” overkwam. Hij werd afgewezen voor de rol van Will in de NBC komische serie “Will and Grace”.

Toen Groot-Brittannië in 2005 huwelijken tussen hetzelfde geslacht goedkeurde, kondigde Barrowman zijn plannen aan om in een burgerlijk partnerschap te treden met architect Scott Gill, zijn levensgezel sinds 14 jaar. Barrowman vermijdt het gebruik van het woord “huwelijk” om holebiseksuele verbintenissen te omschrijven omdat, zoals hij zei, “het de negatieve bijklank van geloof heeft, en geloof koestert haat en/of ongenoegen ten aanzien van holebi’s…..waarom zou ik dan zo’n woord verbonden willen zien met mij en Scott?”

De twee registreerden als burgerlijke partners in Cardiff op 27 december 2006. De korte viering vond plaats in gezelschap van een kleine groep familieleden en vrienden.

Barrowman en Gill hopen ooit ouders te kunnen worden, ofwel via adoptie ofwel via draagmoederschap.

In 2008 verscheen Barrowman in een BBC-documentaire genaamd “John Barrowman: The Making of Me”, dat handelde over zijn persoonlijke zoektocht naar het begrijpen van zijn homoseksualiteit. Zoals hij zelf zei, is hij perfect tevreden met zijn seksualiteit, maar toch is hij geboeid door vragen betreffende de oorzaak van die homoseksualiteit: is het de natuur of natuurlijk?

De documentaire volgt Barrowman terwijl hij reist naar Chicago, LA en Londen om daar verschillende theorieën te bestuderen. Hoewel de documentaire geen definitieve antwoorden geeft, verschaft het toch heel wat interessante informatie.

Vertel anderen over dit artikel :
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Google Bookmarks
  • Twitter
  • E-mail this story to a friend!
  • Netvibes
  • NuJIJ
  • Technorati

Geef jouw mening

Invulvelden met een (*) zijn verplicht in te vullen.